<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><rss version="2.0"
	xmlns:content="http://purl.org/rss/1.0/modules/content/"
	xmlns:wfw="http://wellformedweb.org/CommentAPI/"
	xmlns:dc="http://purl.org/dc/elements/1.1/"
	xmlns:atom="http://www.w3.org/2005/Atom"
	xmlns:sy="http://purl.org/rss/1.0/modules/syndication/"
	xmlns:slash="http://purl.org/rss/1.0/modules/slash/"
	>

<channel>
	<title>Uitslag begrijpen - De Mestonderzoekshop</title>
	<atom:link href="https://www.hipposupport.nl/category/uitslag_begrijpen/feed/" rel="self" type="application/rss+xml" />
	<link>https://www.hipposupport.nl</link>
	<description>De one-stop-mestonderzoekshop</description>
	<lastBuildDate>Tue, 01 Sep 2026 11:55:35 +0000</lastBuildDate>
	<language>nl-NL</language>
	<sy:updatePeriod>
	hourly	</sy:updatePeriod>
	<sy:updateFrequency>
	1	</sy:updateFrequency>
	<generator>https://wordpress.org/?v=7.1</generator>

<image>
	<url>https://www.hipposupport.nl/wp-content/uploads/2021/03/cropped-HippoSupport-Logo-Favicon-32x32.png</url>
	<title>Uitslag begrijpen - De Mestonderzoekshop</title>
	<link>https://www.hipposupport.nl</link>
	<width>32</width>
	<height>32</height>
</image> 
	<item>
		<title>Hoe controleer je of een ontworming goed heeft gewerkt? – WERT/FECRT</title>
		<link>https://www.hipposupport.nl/uitslag_begrijpen/hoe-controleer-je-of-een-ontworming-goed-heeft-gewerkt-wert-fecrt/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[Richard Verbree]]></dc:creator>
		<pubDate>Tue, 01 Sep 2026 08:17:59 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Instructies & Handleidingen]]></category>
		<category><![CDATA[Uitslag begrijpen]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.hipposupport.nl/?p=7138</guid>

					<description><![CDATA[<p>Wanneer een paard gericht wordt ontwormd, wil je natuurlijk ook weten of het gebruikte wormmiddel daadwerkelijk voldoende effect heeft gehad. Dat kun je controleren met een WormEi Reductie Test (WERT), internationaal aangeduid als Faecal Egg Count Reduction Test (FECRT). Bij een WERT vergelijk je de hoeveelheid wormeitjes die een paard vóór de behandeling uitscheidt met [&#8230;]</p>
<p>The post <a href="https://www.hipposupport.nl/uitslag_begrijpen/hoe-controleer-je-of-een-ontworming-goed-heeft-gewerkt-wert-fecrt/">Hoe controleer je of een ontworming goed heeft gewerkt? – WERT/FECRT</a> first appeared on <a href="https://www.hipposupport.nl">De Mestonderzoekshop</a>.</p>]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<div data-elementor-type="wp-post" data-elementor-id="7138" class="elementor elementor-7138">
						<section class="elementor-section elementor-top-section elementor-element elementor-element-4422bd3 elementor-section-boxed elementor-section-height-default elementor-section-height-default" data-id="4422bd3" data-element_type="section" data-e-type="section">
						<div class="elementor-container elementor-column-gap-default">
					<div class="elementor-column elementor-col-100 elementor-top-column elementor-element elementor-element-c7e0c85" data-id="c7e0c85" data-element_type="column" data-e-type="column">
			<div class="elementor-widget-wrap elementor-element-populated">
						<div class="elementor-element elementor-element-1513714 elementor-widget__width-initial elementor-widget elementor-widget-text-editor" data-id="1513714" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="text-editor.default">
				<div class="elementor-widget-container">
									<p class="PDq2pG_selectionAnchorContainer" data-start="361" data-end="640">Wanneer een paard gericht wordt ontwormd, wil je natuurlijk ook weten of het gebruikte wormmiddel daadwerkelijk voldoende effect heeft gehad. Dat kun je controleren met een <strong data-start="534" data-end="565">WormEi Reductie Test (WERT)</strong>, internationaal aangeduid als <strong data-start="596" data-end="639">Faecal Egg Count Reduction Test (FECRT)</strong>.</p>
<p data-start="642" data-end="905">Bij een WERT vergelijk je de hoeveelheid wormeitjes die een paard <strong data-start="708" data-end="731">vóór de behandeling</strong> uitscheidt met de hoeveelheid wormeitjes die <strong data-start="777" data-end="798">na de behandeling</strong> nog wordt uitgescheiden. Zo bereken je hoeveel procent de eiuitscheiding door de behandeling is afgenomen.</p>
<p data-start="907" data-end="1107">Een WERT vertelt dus niet of alle wormen uit het paard verdwenen zijn. De test laat zien hoe sterk de <strong data-start="1009" data-end="1071">eiuitscheiding van de met mestonderzoek aantoonbare wormen</strong> door de behandeling is gereduceerd.</p>
<h2 data-section-id="u00i4e" data-start="1109" data-end="1146">Een WERT bij een individueel paard</h2>
<p data-start="1148" data-end="1329">Een formele FECRT voor het vaststellen van resistentie wordt bij voorkeur uitgevoerd bij een groep paarden. Toch kan een behandelcontrole bij één individueel paard heel zinvol zijn.</p>
<p data-start="1331" data-end="1543">Dat is ook praktisch relevant. Wanneer je jouw paarden individueel bemonstert en onderzoekt, kun je na een gerichte ontworming controleren of de behandeling bij het betreffende paard voldoende effect heeft gehad.</p>
<p data-start="1545" data-end="1582">Daarvoor heb je twee tellingen nodig:</p>
<ol data-start="1584" data-end="1696">
<li data-section-id="101ru30" data-start="1584" data-end="1636">een mestonderzoek <strong data-start="1605" data-end="1635">direct vóór de behandeling</strong>;</li>
<li data-section-id="1l10ngy" data-start="1637" data-end="1696">een tweede mestonderzoek <strong data-start="1665" data-end="1695">14 dagen na de behandeling</strong>.</li>
</ol>
<p data-start="1698" data-end="1870">Het is belangrijk dat beide monsters met <strong data-start="1739" data-end="1790">dezelfde onderzoeksmethode en dezelfde telwijze</strong> worden onderzocht. Alleen dan kun je de uitkomsten goed met elkaar vergelijken.</p>
<h2 data-section-id="ktsfkr" data-start="1872" data-end="1902">Hoe bereken je de reductie?</h2>
<p data-start="1904" data-end="1977">Stel dat vóór het ontwormen een uitslag van <strong data-start="1948" data-end="1961">1.000 EPG</strong> wordt gevonden.</p>
<p data-start="1979" data-end="2077">Veertien dagen na de behandeling wordt opnieuw mestonderzoek gedaan. De uitslag is dan <strong data-start="2066" data-end="2076">25 EPG</strong>.</p>
<p data-start="2079" data-end="2171">De ei-uitscheiding is daarmee afgenomen van 1.000 naar 25 EPG. Dat is een afname van 975 EPG.</p>
<p data-start="2173" data-end="2304">Van de oorspronkelijke eiuitscheiding resteert nog maar 2,5%. De behandeling heeft de eiuitscheiding dus met <strong data-start="2282" data-end="2303">97,5% gereduceerd</strong>.</p>
<h3 data-section-id="guzyc4" data-start="2306" data-end="2338">De berekening in een formule</h3>
<p data-start="2340" data-end="2392">Voor wie de berekening graag in formulevorm bekijkt:</p>
<p data-start="2394" data-end="2488"><strong data-start="2394" data-end="2488">WERT/FECR (%) = ((EPG vóór behandeling − EPG na behandeling) ÷ EPG vóór behandeling) × 100</strong></p>
<p data-start="2490" data-end="2507">In ons voorbeeld:</p>
<p data-start="2509" data-end="2549"><strong data-start="2509" data-end="2549">((1.000 − 25) ÷ 1.000) × 100 = 97,5%</strong></p>
<p data-start="2551" data-end="2593">De wormei-reductie bedraagt dus <strong data-start="2583" data-end="2592">97,5%</strong>.</p>
<p data-start="2595" data-end="2774">Je gebruikt hiervoor gewoon de al berekende EPG-waarden. De hoeveelheden mest en flotatievloeistof die bij het McMaster-onderzoek zijn gebruikt, zijn immers al verwerkt in de EPG.</p>
<h2 data-section-id="o57ush" data-start="2776" data-end="2826">Wanneer heeft de behandeling voldoende gewerkt?</h2>
<p data-start="2828" data-end="3063">Voor een behandelcontrole bij één individueel paard geldt als praktische internationale richtlijn dat een werkzaam wormmiddel de uitscheiding van <strong data-start="2974" data-end="3039">strongyliden- en spoelwormeitjes na 14 dagen met meer dan 95%</strong> moet hebben verminderd.</p>
<p data-start="3065" data-end="3126">Een hoge reductie past dus bij een goed werkende behandeling.</p>
<p data-start="3128" data-end="3323">Is de reductie duidelijk lager dan verwacht, dan moet dat serieus worden genomen. Dat betekent echter niet automatisch dat met één individuele WERT al bewezen is dat er sprake is van resistentie.</p>
<p data-start="3325" data-end="3385">Controleer bij een onverwacht lage reductie onder andere of:</p>
<ul data-start="3387" data-end="3727">
<li data-section-id="1cv0myr" data-start="3387" data-end="3447">het juiste wormmiddel en de juiste dosering zijn gebruikt;</li>
<li data-section-id="u8j0pf" data-start="3448" data-end="3518">het lichaamsgewicht van het paard voldoende nauwkeurig is ingeschat;</li>
<li data-section-id="9edh1a" data-start="3519" data-end="3585">het paard de volledige dosis daadwerkelijk heeft binnengekregen;</li>
<li data-section-id="ymy4zt" data-start="3586" data-end="3661">het wormmiddel correct is bewaard en niet over de houdbaarheidsdatum was;</li>
<li data-section-id="mtrx1y" data-start="3662" data-end="3727">beide mestonderzoeken volgens dezelfde methode zijn uitgevoerd.</li>
</ul>
<p data-start="3729" data-end="3953">Bespreek een onvoldoende behandelresultaat met de dierenarts. Wanneer praktische oorzaken zijn uitgesloten en bij herhaalde controle opnieuw onvoldoende werkzaamheid wordt gevonden, wordt resistentie steeds waarschijnlijker.</p>
<h2 data-section-id="1ade143" data-start="3955" data-end="3994">Niet iedere WERT is even betrouwbaar</h2>
<p data-start="3996" data-end="4213">Bij de beoordeling van een WERT is niet alleen het berekende percentage belangrijk. Ook het <strong data-start="4088" data-end="4173">aantal eitjes dat vóór de behandeling daadwerkelijk onder de microscoop is geteld</strong> bepaalt hoe betrouwbaar de uitkomst is.</p>
<p data-start="4215" data-end="4245">Dat is iets anders dan de EPG.</p>
<p data-start="4247" data-end="4438">Stel dat je vóór behandeling slechts vier eitjes telt. Met onze McMaster-methode komt dat overeen met 100 EPG. Vind je na behandeling geen enkel eitje meer, dan is de berekende reductie 100%.</p>
<p data-start="4440" data-end="4629">Rekenkundig klopt dat. Maar de conclusie is gebaseerd op slechts vier daadwerkelijk waargenomen eitjes. Toeval en de normale variatie van een mestonderzoek hebben dan relatief veel invloed.</p>
<p data-start="4631" data-end="4729">Hoe meer eitjes je vóór behandeling daadwerkelijk telt, hoe sterker de basis voor de vergelijking.</p>
<p class="PDq2pG_selectionAnchorContainer" data-start="4731" data-end="4762">Als praktische richtlijn geldt:</p>
<div class="group TyagGW_tableContainer">
<div class="TyagGW_tableWrapper flex flex-col-reverse w-fit" tabindex="-1">
<table class="w-fit min-w-(--thread-content-width)" data-start="4764" data-end="5052">
<thead data-start="4764" data-end="4863">
<tr data-start="4764" data-end="4863">
<th class="last:pe-10" data-start="4764" data-end="4812" data-col-size="md">Daadwerkelijk getelde eitjes vóór behandeling</th>
<th class="last:pe-10" data-start="4812" data-end="4863" data-col-size="md">Betekenis voor een individuele behandelcontrole</th>
</tr>
</thead>
<tbody data-start="4875" data-end="5052">
<tr data-start="4875" data-end="4925">
<td data-start="4875" data-end="4893" data-col-size="md"><strong data-start="4877" data-end="4892">Meer dan 40</strong></td>
<td data-start="4893" data-end="4925" data-col-size="md">Redelijk betekenisvolle test</td>
</tr>
<tr data-start="4926" data-end="4986">
<td data-start="4926" data-end="4938" data-col-size="md"><strong data-start="4928" data-end="4937">20–40</strong></td>
<td data-start="4938" data-end="4986" data-col-size="md">Matig bruikbaar; voorzichtiger interpreteren</td>
</tr>
<tr data-start="4987" data-end="5052">
<td data-start="4987" data-end="5007" data-col-size="md"><strong data-start="4989" data-end="5006">Minder dan 20</strong></td>
<td data-col-size="md" data-start="5007" data-end="5052">Uitkomst kan onvoldoende betrouwbaar zijn</td>
</tr>
</tbody>
</table>
</div>
</div>
<p data-start="5054" data-end="5254">Bij onze McMaster-methode met een factor 25 staat één geteld eitje voor 25 EPG. Bij één standaardtelling van beide telrasters komt 20 getelde eitjes dus overeen met 500 EPG en 40 eitjes met 1.000 EPG.</p>
<p data-start="5256" data-end="5466">Dat betekent niet dat je onder 500 of 1.000 EPG geen behandelcontrole kunt uitvoeren. Het betekent wel dat je je bewust moet zijn van de grotere onzekerheid wanneer maar weinig eitjes daadwerkelijk zijn geteld.</p>
<p data-start="5468" data-end="5611">Een opvallend <strong data-start="5482" data-end="5502">slechte reductie</strong> is daarbij doorgaans informatiever dan een ogenschijnlijk perfecte reductie op basis van maar enkele eitjes.</p>
<h2 class="PDq2pG_selectionAnchorContainer" data-section-id="j87645" data-start="5613" data-end="5661">Gebruik vóór en na dezelfde onderzoeksmethode</h2>
<p data-start="5663" data-end="5774">Voor een betrouwbare vergelijking is het belangrijk dat vóór en na behandeling op dezelfde manier wordt geteld.</p>
<p data-start="5776" data-end="5930">Dat betekent bijvoorbeeld dat je niet vóór behandeling een McMaster-methode met factor 25 gebruikt en na behandeling ineens een andere telmethode toepast.</p>
<p data-start="5932" data-end="6224">Niet omdat een EPG uit verschillende correct uitgevoerde methoden een andere betekenis heeft — EPG blijft eitjes per gram mest — maar omdat onderzoeksmethoden verschillen in gevoeligheid en meetvariatie. Voor een behandelcontrole wil je die extra bron van verschil zoveel mogelijk uitsluiten.</p>
<p data-start="6226" data-end="6321">Daarom: <strong data-start="6234" data-end="6321">zelfde paard, zelfde onderzoeksmethode, zelfde telwijze en hetzelfde tijdsinterval.</strong></p>
<h2 data-section-id="1nm353s" data-start="6323" data-end="6374">Is een individuele WERT ook een resistentietest?</h2>
<p data-start="6376" data-end="6390">Niet helemaal.</p>
<p data-start="6392" data-end="6451">Met een individuele WERT controleer je in de eerste plaats:</p>
<p data-start="6453" data-end="6533"><strong data-start="6453" data-end="6533">Heeft deze behandeling bij dit paard de eiuitscheiding voldoende verminderd?</strong></p>
<p data-start="6535" data-end="6812">Een onvoldoende reductie kan een belangrijke aanwijzing zijn voor resistentie, zeker wanneer fouten bij dosering, toediening en onderzoek zijn uitgesloten. Maar voor een formele uitspraak over resistentie binnen een stal of paardenpopulatie is een uitgebreider onderzoek nodig.</p>
<h3 data-section-id="609xc7" data-start="6814" data-end="6863">Hoe onderzoek je resistentie op groepsniveau?</h3>
<p data-start="6865" data-end="7071">Voor een echte resistentiediagnose worden meerdere paarden uit dezelfde populatie onderzocht. Daarbij worden de paarden vóór behandeling individueel bemonsterd en 14 dagen na behandeling opnieuw onderzocht.</p>
<p data-start="7073" data-end="7129">De huidige internationale richtlijnen adviseren daarbij:</p>
<ul data-start="7131" data-end="7736">
<li data-section-id="bxg89i" data-start="7131" data-end="7210">bij voorkeur een groep <strong data-start="7156" data-end="7209">eipositieve paarden die dezelfde weiden gebruiken</strong>;</li>
<li data-section-id="lrbt9v" data-start="7211" data-end="7312">minimaal ongeveer <strong data-start="7231" data-end="7247">vijf paarden</strong>, waarbij voor sommige wormmiddelgroepen meer paarden nodig zijn;</li>
<li data-section-id="1ijoqau" data-start="7313" data-end="7444">zo veel mogelijk eitjes tellen vóór behandeling, bij voorkeur gemiddeld ten minste <strong data-start="7398" data-end="7443">40 daadwerkelijk getelde eitjes per paard</strong>;</li>
<li data-section-id="1pfa9j8" data-start="7445" data-end="7499">dezelfde paarden vóór en na behandeling onderzoeken;</li>
<li data-section-id="j4205j" data-start="7500" data-end="7569">dezelfde onderzoeksmethode en hetzelfde aantal telkamers gebruiken;</li>
<li data-section-id="yn9g2v" data-start="7570" data-end="7736">de werkzaamheid niet alleen beoordelen aan de hand van één gemiddeld reductiepercentage, maar ook rekening houden met de statistische onzekerheid tussen de paarden.</li>
</ul>
<p data-start="7738" data-end="7972">Voor een formele FECRT worden daarom <strong data-start="7775" data-end="7810">90%-betrouwbaarheidsintervallen</strong> berekend. De grenswaarden verschillen bovendien per soort wormmiddel en parasiet. Er bestaat dus niet één universele resistentiegrens van bijvoorbeeld 90 of 95%.</p>
<div class="qMYqUG_convSearchResultHighlightRoot">
<section class="text-token-text-primary w-full focus:outline-none has-data-writing-block:pointer-events-none [&amp;:has([data-writing-block])&gt;*]:pointer-events-auto R6Vx5W_threadScrollVars scroll-mb-[calc(var(--scroll-root-safe-area-inset-bottom,0px)+var(--thread-response-height))] scroll-mt-[calc(var(--header-height)+min(200px,max(70px,20svh)))]" dir="auto" data-turn-id="request-WEB:a47b887b-50a6-47a0-8d5c-8b1e62328cf5-164" data-turn-id-container="request-WEB:a47b887b-50a6-47a0-8d5c-8b1e62328cf5-164" data-testid="conversation-turn-130" data-turn="assistant">
<div class="text-base my-auto mx-auto pb-8 [--thread-content-margin:var(--thread-content-margin-xs,calc(var(--spacing)*4))] @w-sm/main:[--thread-content-margin:var(--thread-content-margin-sm,calc(var(--spacing)*6))] @w-lg/main:[--thread-content-margin:var(--thread-content-margin-lg,calc(var(--spacing)*16))] px-(--thread-content-margin)">
<div class="[--thread-content-max-width:40rem] @w-lg/main:[--thread-content-max-width:48rem] mx-auto max-w-(--thread-content-max-width) flex-1 group/turn-messages focus-visible:outline-hidden relative flex w-full min-w-0 flex-col agent-turn" data-conversation-screenshot-content="">
<div class="flex max-w-full flex-col gap-4 grow">
<div class="min-h-8 text-message relative flex w-full flex-col items-end gap-2 text-start break-words whitespace-normal outline-none keyboard-focused:focus-ring [.text-message+&amp;]:mt-1" dir="auto" tabindex="0" data-message-author-role="assistant" data-message-id="4a878bcd-5b8d-4312-a1ea-b70f532b1a56" data-turn-start-message="true" data-message-model-slug="gpt-5-6-thinking">
<div class="flex w-full flex-col gap-1 empty:hidden">
<div class="markdown prose dark:prose-invert wrap-break-word w-full light markdown-new-styling">
<p class="PDq2pG_selectionAnchorContainer" data-start="7974" data-end="8075">Voor bloedwormen/kleine strongyliden worden momenteel bijvoorbeeld de volgende grenswaarden gebruikt:</p>
<div class="group TyagGW_tableContainer">
<div class="TyagGW_tableWrapper flex flex-col-reverse w-fit" tabindex="-1">
<table class="w-fit min-w-(--thread-content-width)" data-start="8077" data-end="8264">
<thead data-start="8077" data-end="8148">
<tr data-start="8077" data-end="8148">
<th class="last:pe-10" data-start="8077" data-end="8098" data-col-size="sm">Werkzame-stofgroep</th>
<th class="last:pe-10" data-start="8098" data-end="8134" data-col-size="sm">Bovengrens verwachte werkzaamheid</th>
<th class="last:pe-10" data-start="8134" data-end="8148" data-col-size="sm">Ondergrens</th>
</tr>
</thead>
<tbody data-start="8165" data-end="8264">
<tr data-start="8165" data-end="8208">
<td data-start="8165" data-end="8193" data-col-size="sm">Ivermectine / moxidectine</td>
<td data-start="8193" data-end="8201" data-col-size="sm">99,9%</td>
<td data-col-size="sm" data-start="8201" data-end="8208">92%</td>
</tr>
<tr data-start="8209" data-end="8239">
<td data-start="8209" data-end="8226" data-col-size="sm">Benzimidazolen</td>
<td data-start="8226" data-end="8232" data-col-size="sm">99%</td>
<td data-start="8232" data-end="8239" data-col-size="sm">90%</td>
</tr>
<tr data-start="8240" data-end="8264">
<td data-start="8240" data-end="8251" data-col-size="sm">Pyrantel</td>
<td data-start="8251" data-end="8257" data-col-size="sm">98%</td>
<td data-start="8257" data-end="8264" data-col-size="sm">80%</td>
</tr>
</tbody>
</table>
</div>
</div>
<p data-start="8266" data-end="8533">Bij de interpretatie wordt gekeken waar het <strong data-start="8310" data-end="8342">90%-betrouwbaarheidsinterval</strong> van de gemeten werkzaamheid ten opzichte van deze grenzen ligt. Daarmee kan de uitkomst worden ingedeeld als voldoende werkzaamheid, aanwijzing voor resistentie of een nog onzekere uitkomst.</p>
<p data-start="8535" data-end="8661">Voor zo&#8217;n formele groeps-FECRT is de berekening dus aanzienlijk uitgebreider dan de eenvoudige behandelcontrole bij één paard.</p>
<h2 data-section-id="1j99diq" data-start="8663" data-end="8681">Kort samengevat</h2>
<p data-start="8683" data-end="8801">Een WERT bij één paard is een praktische manier om na te gaan of een gerichte ontworming voldoende effect heeft gehad:</p>
<p data-start="8803" data-end="8934"><strong data-start="8803" data-end="8934">mestonderzoek vóór behandeling → correct ontwormen → 14 dagen wachten → opnieuw mestonderzoek → procentuele reductie berekenen.</strong></p>
<p data-start="8936" data-end="9054">Bij een individueel paard verwachten we dat de strongyliden- of spoelwormei-uitscheiding met <strong data-start="9029" data-end="9045">meer dan 95%</strong> afneemt.</p>
<p data-start="9056" data-end="9259">Hoeveel waarde je aan dat percentage kunt hechten, hangt echter mede af van hoeveel eitjes vóór de behandeling daadwerkelijk zijn geteld. Een WERT is dus meer dan alleen twee EPG&#8217;s in een formule zetten.</p>
<p data-start="9261" data-end="9473">En wil je niet alleen weten of de behandeling bij één paard heeft gewerkt, maar daadwerkelijk bepalen of binnen een stal sprake is van <strong data-start="9396" data-end="9432">resistentie tegen een wormmiddel</strong>, dan is een FECRT op groepsniveau nodig.</p>
<h3 data-section-id="aoku6z" data-start="9475" data-end="9491">Onderbouwing</h3>
<p data-start="9493" data-end="9909">De individuele behandelcontrole, het interval van <strong data-start="9543" data-end="9555">14 dagen</strong>, de pragmatische grens van <strong data-start="9583" data-end="9591">&gt;95%</strong>, het belang van het daadwerkelijk aantal getelde eitjes en de categorieën <code data-start="9666" data-end="9671">&gt;40</code>, <code data-start="9673" data-end="9680">20–40</code> en <code data-start="9684" data-end="9689">&lt;20</code> komen rechtstreeks uit de in 2024 herziene AAEP-richtlijn. Diezelfde richtlijn benadrukt dat een treatment check bij één paard nuttig kan zijn, maar geen formele resistentietest is.</p>
<p data-start="9911" data-end="10237">Voor een formele resistentiediagnose volgt de AAEP de in 2023 herziene WAAVP-methodiek: groepsonderzoek, het <em data-start="10020" data-end="10034">eggs counted</em>-principe, 90%-betrouwbaarheidsintervallen en middel-/parasietspecifieke grenswaarden. De waarden in de tabel voor cyathostominae zijn de huidige AAEP/WAAVP-grenzen.</p>
</div>
</div>
</div>
</div>
</div>
</div>
</section>
</div>								</div>
				</div>
					</div>
		</div>
					</div>
		</section>
				</div><p>The post <a href="https://www.hipposupport.nl/uitslag_begrijpen/hoe-controleer-je-of-een-ontworming-goed-heeft-gewerkt-wert-fecrt/">Hoe controleer je of een ontworming goed heeft gewerkt? – WERT/FECRT</a> first appeared on <a href="https://www.hipposupport.nl">De Mestonderzoekshop</a>.</p>]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Hoe bereken ik de EPG?</title>
		<link>https://www.hipposupport.nl/uitslag_begrijpen/hoe-bereken-ik-de-epg/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[Richard Verbree]]></dc:creator>
		<pubDate>Tue, 01 Sep 2026 07:27:39 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Instructies & Handleidingen]]></category>
		<category><![CDATA[Uitslag begrijpen]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.hipposupport.nl/?p=7125</guid>

					<description><![CDATA[<p>Bij mestonderzoek volgens de McMaster-methode werken we met een kwantitatieve uitslag. We kijken dus niet alleen óf er wormeitjes aanwezig zijn, maar berekenen ook hoeveel eitjes per gram mest worden uitgescheiden. Dat noemen we de EPG: eggs per gram, oftewel het aantal eitjes per gram mest. Lintworm is een uitzondering Voor lintworm gebruiken we de [&#8230;]</p>
<p>The post <a href="https://www.hipposupport.nl/uitslag_begrijpen/hoe-bereken-ik-de-epg/">Hoe bereken ik de EPG?</a> first appeared on <a href="https://www.hipposupport.nl">De Mestonderzoekshop</a>.</p>]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<div data-elementor-type="wp-post" data-elementor-id="7125" class="elementor elementor-7125">
						<section class="elementor-section elementor-top-section elementor-element elementor-element-5b08cab elementor-section-boxed elementor-section-height-default elementor-section-height-default" data-id="5b08cab" data-element_type="section" data-e-type="section">
						<div class="elementor-container elementor-column-gap-default">
					<div class="elementor-column elementor-col-100 elementor-top-column elementor-element elementor-element-98f300b" data-id="98f300b" data-element_type="column" data-e-type="column">
			<div class="elementor-widget-wrap elementor-element-populated">
						<div class="elementor-element elementor-element-02d3b04 elementor-widget elementor-widget-text-editor" data-id="02d3b04" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="text-editor.default">
				<div class="elementor-widget-container">
									<p data-start="1613" data-end="1913">Bij mestonderzoek volgens de McMaster-methode werken we met een <strong data-start="1677" data-end="1702">kwantitatieve uitslag</strong>. We kijken dus niet alleen óf er wormeitjes aanwezig zijn, maar berekenen ook hoeveel eitjes per gram mest worden uitgescheiden. Dat noemen we de <strong data-start="1849" data-end="1871">EPG: eggs per gram</strong>, oftewel het aantal eitjes per gram mest.</p><h3 data-section-id="15gm51m" data-start="1915" data-end="1947">Lintworm is een uitzondering</h3><p data-start="1949" data-end="2283">Voor lintworm gebruiken we de uitslag anders. Lintwormeitjes worden onregelmatig met de mest uitgescheiden en een standaard McMaster-onderzoek kan een lintworminfectie daardoor gemakkelijk missen. Bovendien zegt het aantal gevonden lintwormeitjes niets over het aantal lintwormen dat aanwezig is.</p><p data-start="2285" data-end="2331">Daarom beoordelen we lintworm <strong data-start="2315" data-end="2330">kwalitatief</strong>:</p><p data-start="2333" data-end="2394"><strong data-start="2333" data-end="2394">Een lintwormeitje gevonden = lintworminfectie aangetoond.</strong></p><p data-start="2396" data-end="2571">Worden geen lintwormeitjes gevonden, dan betekent dat niet dat het paard geen lintworminfectie heeft. De juiste uitslag is dan dus <strong data-start="2527" data-end="2546">niet aangetoond</strong>, en niet: geen infectie.</p><p data-start="2396" data-end="2571"><a href="https://www.hipposupport.nl/parasieten/lintworm/">Lees hier meer over lintworm en mestonderzoek</a></p><h3 data-section-id="kuzzwo" data-start="2573" data-end="2622">Bij de andere parasieten berekenen we een EPG</h3><p data-start="2624" data-end="2780">Voor de andere parasieten die we bij het mestonderzoek aantonen, berekenen we wel een EPG. De betekenis van de hoogte daarvan verschilt echter per parasiet.</p><p data-start="2782" data-end="3068">Voor bijvoorbeeld spoelworm gebruiken we geen algemene EPG-grens waarboven wel en waaronder niet behandeld moet worden. Wanneer dergelijke parasieten worden aangetoond, adviseren we contact op te nemen met de dierenarts om te bepalen óf, wanneer en waarmee gericht ontwormd moet worden.</p><p data-start="3070" data-end="3356">Bij <strong data-start="3074" data-end="3104">bloedwormen (strongyliden)</strong> speelt de hoogte van de EPG wel een belangrijke rol. De EPG wordt gebruikt om paarden in te delen op basis van de hoeveelheid strongylideneitjes die zij uitscheiden. Daarbij worden internationaal veelal de grenswaarden van <strong data-start="3328" data-end="3346">200 en 500 EPG</strong> gebruikt:</p><ul data-start="3358" data-end="3477"><li data-section-id="o4kp8m" data-start="3358" data-end="3392"><strong data-start="3360" data-end="3374">0–200 EPG:</strong> lage uitscheiding</li><li data-section-id="9c4aub" data-start="3393" data-end="3435"><strong data-start="3395" data-end="3411">201–500 EPG:</strong> gemiddelde uitscheiding</li><li data-section-id="1xt6gf0" data-start="3436" data-end="3477"><strong data-start="3438" data-end="3459">meer dan 500 EPG:</strong> hoge uitscheiding</li></ul><p data-start="3479" data-end="3838"><span style="font-size: 17px;">Juist omdat de hoogte van de EPG bij bloedwormen wordt gebruikt bij de beoordeling van de uitslag, is het belangrijk dat deze waarde correct wordt berekend.</span></p><h3 data-section-id="atyo42" data-start="3998" data-end="4056">Niet iedere variant van de McMaster-methode heeft dezelfde EPG-factor</h3><p data-start="4058" data-end="4251">Door de jaren heen zijn verschillende varianten van de McMaster-methode ontwikkeld. Daarbij verschillen onder andere de hoeveelheid mest en de hoeveelheid flotatievloeistof die worden gebruikt.</p><p data-start="4253" data-end="4309">Dat heeft direct gevolgen voor de berekening van de EPG.</p><p data-start="4311" data-end="4555">Voor mestonderzoek bij paarden gebruiken wij <strong data-start="4356" data-end="4398">4 gram mest en 26 ml flotatievloeistof</strong>. Bij andere toepassingen en diersoorten komen bijvoorbeeld ook methoden voor met 3 gram mest en 42 ml flotatievloeistof, 2 gram en 28 ml of 4 gram en 56 ml.</p><p data-start="4557" data-end="4827">Bij al deze methoden kun je dezelfde McMaster-telkamer gebruiken en hetzelfde aantal eitjes tellen, maar toch op een andere EPG uitkomen. De vermenigvuldigingsfactor hoort dus altijd bij de methode waarmee het monster is voorbereid.</p><h2 data-section-id="13u69wp" data-start="4829" data-end="4876">Hoe komen we bij onze methode aan factor 25?</h2><p data-start="4878" data-end="5008">Bij een McMaster-onderzoeken wij <strong data-start="4912" data-end="4935">altijd de rasters in beide kamers</strong>. Iedere kamer bevat onder het telraster 0,15 ml. Samen onderzoek je dus:</p><p data-start="5010" data-end="5041"><strong data-start="5010" data-end="5041">0,15 ml + 0,15 ml = 0,30 ml</strong></p><p data-start="5043" data-end="5168">Voor onze methode gebruiken we 4 gram mest en 26 ml flotatievloeistof. We rekenen daarmee met een totaalvolume van <strong data-start="5158" data-end="5167">30 ml</strong>.</p><p data-start="5170" data-end="5378">Je hebt onder de microscoop 0,30 ml onderzocht, terwijl het totale bereide monster 30 ml bevat. Om het aantal gevonden eitjes van 0,30 ml om te rekenen naar het hele monster, vermenigvuldig je daarom met 100:</p><p data-start="5380" data-end="5405"><strong data-start="5380" data-end="5405">Van 0,3ml naar 30ml = x100</strong></p><p data-start="5407" data-end="5477">Vind je in beide rasters samen één eitje, dan komt dat dus overeen met:</p><p data-start="5479" data-end="5531"><strong data-start="5479" data-end="5531">1 eitje × 100 = 100 eitjes in het totale monster</strong></p><p data-start="5533" data-end="5687">Maar dat monster is gemaakt met <strong data-start="5565" data-end="5580">4 gram mest</strong> en we willen weten hoeveel eitjes er per <strong data-start="5622" data-end="5637">1 gram mest</strong> aanwezig zijn. Daarom delen we vervolgens door 4:</p><p data-start="5689" data-end="5705"><strong data-start="5689" data-end="5705">100 ÷ 4 = 25</strong></p><p data-start="5707" data-end="5767">Eén geteld eitje staat bij deze methode dus voor <strong data-start="5756" data-end="5766">25 EPG</strong>.</p><p data-start="5769" data-end="5826">Daarmee wordt de uiteindelijke berekening heel eenvoudig:</p><p data-start="5828" data-end="5886"><strong data-start="5828" data-end="5886">aantal getelde eitjes in beide kamers samen × 25 = EPG</strong></p><p data-start="5888" data-end="5901">Bijvoorbeeld:</p><p data-start="5903" data-end="6022"><strong data-start="5903" data-end="5930">4 eitjes × 25 = 100 EPG</strong><br data-start="5930" data-end="5933" /><strong data-start="5933" data-end="5960">8 eitjes × 25 = 200 EPG</strong><br data-start="5960" data-end="5963" /><strong data-start="5963" data-end="5991">12 eitjes × 25 = 300 EPG</strong><br data-start="5991" data-end="5994" /><strong data-start="5994" data-end="6022">20 eitjes × 25 = 500 EPG</strong></p><h3 data-section-id="guzyc4" data-start="47" data-end="79">De berekening in een formule</h3><p data-start="5903" data-end="6022"><span style="font-size: 17px;">De uitleg hierboven laat stap voor stap zien hoe we van het aantal getelde eitjes naar de EPG komen. Voor wie de berekening liever in één formule bekijkt, kan dezelfde rekenstap als volgt worden weergegeven:</span></p><p data-start="300" data-end="397"><strong style="font-size: 17px;" data-start="399" data-end="495">EPG = aantal getelde eitjes × (totaal volume monster ÷ onderzocht volume) ÷ aantal gram mest</strong></p><p data-start="497" data-end="515">Voor onze methode:</p><p data-start="517" data-end="566"><strong data-start="517" data-end="566">EPG = aantal getelde eitjes × (30 ÷ 0,30) ÷ 4</strong></p><p data-start="568" data-end="572">Dus:</p><p data-start="574" data-end="615"><strong data-start="574" data-end="615">EPG = aantal getelde eitjes × 100 ÷ 4</strong></p><p data-start="617" data-end="628">En daarmee:</p><p data-start="630" data-end="666"><strong data-start="630" data-end="666">EPG = aantal getelde eitjes × 25</strong></p><p data-start="668" data-end="682">Of nog korter:</p><p data-start="684" data-end="720"><strong data-start="684" data-end="720">aantal getelde eitjes × 25 = EPG</strong></p>								</div>
				</div>
				<div class="elementor-element elementor-element-76905dc elementor-widget elementor-widget-text-editor" data-id="76905dc" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="text-editor.default">
				<div class="elementor-widget-container">
									<h2 data-section-id="1m48nbg" data-start="6024" data-end="6077">de De berekening bij verschillende McMaster-varianten</h2><p data-start="6079" data-end="6198">In alle onderstaande voorbeelden worden de rasters in <strong data-start="6119" data-end="6151">beide McMaster-kamers geteld</strong>. Het onderzochte volume is dus steeds 0,30 ml.</p>								</div>
				</div>
					</div>
		</div>
					</div>
		</section>
				<section class="elementor-section elementor-top-section elementor-element elementor-element-34651c5 elementor-section-boxed elementor-section-height-default elementor-section-height-default" data-id="34651c5" data-element_type="section" data-e-type="section">
						<div class="elementor-container elementor-column-gap-default">
					<div class="elementor-column elementor-col-100 elementor-top-column elementor-element elementor-element-8b0e0f9" data-id="8b0e0f9" data-element_type="column" data-e-type="column">
			<div class="elementor-widget-wrap elementor-element-populated">
						<div class="elementor-element elementor-element-41e19e2 elementor-widget elementor-widget-html" data-id="41e19e2" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="html.default">
				<div class="elementor-widget-container">
					<div class="dmos-table-wrap" role="region" aria-label="EPG-berekening bij verschillende McMaster-varianten" tabindex="0">

  <table class="dmos-table dmos-epg-table">
    <thead>
      <tr>
        <th scope="col">Mest</th>
        <th scope="col">Flotatievloeistof</th>
        <th scope="col">Totaal volume monster</th>
        <th scope="col">Van 0,30 ml naar totaal monster</th>
        <th scope="col">Omrekening naar EPG</th>
      </tr>
    </thead>

    <tbody>
      <tr>
        <th scope="row">4 g</th>
        <td>26 ml</td>
        <td>30 ml</td>
        <td>× 100</td>
        <td>100 ÷ 4 = <strong>× 25</strong></td>
      </tr>

      <tr>
        <th scope="row">2 g</th>
        <td>28 ml</td>
        <td>30 ml</td>
        <td>× 100</td>
        <td>100 ÷ 2 = <strong>× 50</strong></td>
      </tr>

      <tr>
        <th scope="row">3 g</th>
        <td>42 ml</td>
        <td>45 ml</td>
        <td>× 150</td>
        <td>150 ÷ 3 = <strong>× 50</strong></td>
      </tr>

      <tr>
        <th scope="row">4 g</th>
        <td>56 ml</td>
        <td>60 ml</td>
        <td>× 200</td>
        <td>200 ÷ 4 = <strong>× 50</strong></td>
      </tr>
    </tbody>
  </table>

</div>				</div>
				</div>
					</div>
		</div>
					</div>
		</section>
				<section class="elementor-section elementor-top-section elementor-element elementor-element-3e6b84e elementor-section-boxed elementor-section-height-default elementor-section-height-default" data-id="3e6b84e" data-element_type="section" data-e-type="section">
						<div class="elementor-container elementor-column-gap-default">
					<div class="elementor-column elementor-col-100 elementor-top-column elementor-element elementor-element-9fe7146" data-id="9fe7146" data-element_type="column" data-e-type="column">
			<div class="elementor-widget-wrap elementor-element-populated">
						<div class="elementor-element elementor-element-c77afbb elementor-widget elementor-widget-text-editor" data-id="c77afbb" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="text-editor.default">
				<div class="elementor-widget-container">
									<p data-start="6222" data-end="6412">Het principe blijft dus steeds hetzelfde: eerst reken je het onderzochte volume van <strong data-start="6306" data-end="6317">0,30 ml</strong> om naar het totale bereide monster. Vervolgens reken je dat totaal terug naar <strong data-start="6396" data-end="6411">1 gram mest</strong>.</p><p data-start="6414" data-end="6475">Zo ontstaat de EPG-factor die bij de gebruikte methode hoort.</p><p data-start="6477" data-end="6582">Dat verschil is niet alleen theoretisch. Tel je bijvoorbeeld acht eitjes, dan geeft dat bij onze methode:</p><p data-start="6584" data-end="6604"><strong data-start="6584" data-end="6604">8 × 25 = 200 EPG</strong></p><p data-start="6606" data-end="6692">Bij een methode met factor 50 zouden precies dezelfde acht getelde eitjes uitkomen op:</p><p data-start="6694" data-end="6714"><strong data-start="6694" data-end="6714">8 × 50 = 400 EPG</strong></p><p data-start="6716" data-end="7024">Gebruik daarom altijd de EPG-berekening die hoort bij de hoeveelheden mest en flotatievloeistof waarmee je het monster hebt voorbereid. Een vermenigvuldigingsfactor van 25 of 50 is geen willekeurig gekozen getal: hij volgt rechtstreeks uit de gebruikte McMaster-methode.</p><h3 data-section-id="1trz12e" data-start="222" data-end="275">Een berekende EPG hoef je niet meer om te rekenen</h3><p data-start="277" data-end="590">Omdat er verschillende McMaster-methoden bestaan, ontstaat soms verwarring over de betekenis van de uiteindelijke EPG. We krijgen bijvoorbeeld regelmatig de vraag hoe een uitslag die met 4 gram mest en 26 ml flotatievloeistof is berekend, moet worden omgerekend naar een methode die 2 gram mest en 28 ml gebruikt.</p><p data-start="6716" data-end="7024"> </p><p data-start="592" data-end="766">Die omrekening is niet nodig. De gebruikte hoeveelheid mest, de hoeveelheid flotatievloeistof en het onderzochte volume zijn namelijk al verwerkt in de berekening van de EPG.<br /><br /><strong>Kort gezegd: de methode bepaalt hoe je tot de EPG komt; de EPG zelf hoeft daarna niet meer naar een andere McMaster-methode te worden omgerekend.</strong></p>								</div>
				</div>
					</div>
		</div>
					</div>
		</section>
				</div><p>The post <a href="https://www.hipposupport.nl/uitslag_begrijpen/hoe-bereken-ik-de-epg/">Hoe bereken ik de EPG?</a> first appeared on <a href="https://www.hipposupport.nl">De Mestonderzoekshop</a>.</p>]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Ontwormd en daarna wormen in de mest: hoe kan dat?</title>
		<link>https://www.hipposupport.nl/wormmanagement/ik-heb-mijn-paard-ontwormd-en-nu-zie-ik-wormen-in-de-mest-is-dat-wel-goed/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[Richard Verbree]]></dc:creator>
		<pubDate>Sat, 15 Apr 2023 10:50:58 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Uitslag begrijpen]]></category>
		<category><![CDATA[Wormmanagement]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.hipposupport.nl/?p=3862</guid>

					<description><![CDATA[<p>Je hebt je paard ontwormd en een dag later liggen er ineens wormen in de mest. Dat kan behoorlijk opvallend zijn, zeker wanneer je vóór de behandeling niets had gezien. Toch is dit op zichzelf meestal niet vreemd. Een wormmiddel kan aanwezige wormen doden of verlammen, waarna ze via de darm met de mest naar [&#8230;]</p>
<p>The post <a href="https://www.hipposupport.nl/wormmanagement/ik-heb-mijn-paard-ontwormd-en-nu-zie-ik-wormen-in-de-mest-is-dat-wel-goed/">Ontwormd en daarna wormen in de mest: hoe kan dat?</a> first appeared on <a href="https://www.hipposupport.nl">De Mestonderzoekshop</a>.</p>]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<div data-elementor-type="wp-post" data-elementor-id="3862" class="elementor elementor-3862">
						<section class="elementor-section elementor-top-section elementor-element elementor-element-406a555e elementor-section-boxed elementor-section-height-default elementor-section-height-default" data-id="406a555e" data-element_type="section" data-e-type="section">
						<div class="elementor-container elementor-column-gap-default">
					<div class="elementor-column elementor-col-100 elementor-top-column elementor-element elementor-element-18bce84f" data-id="18bce84f" data-element_type="column" data-e-type="column">
			<div class="elementor-widget-wrap elementor-element-populated">
						<div class="elementor-element elementor-element-87c16dc elementor-widget elementor-widget-text-editor" data-id="87c16dc" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="text-editor.default">
				<div class="elementor-widget-container">
									<p class="PDq2pG_selectionAnchorContainer" data-start="261" data-end="339">Je hebt je paard ontwormd en een dag later liggen er ineens wormen in de mest.</p><p data-start="341" data-end="475">Dat kan behoorlijk opvallend zijn, zeker wanneer je vóór de behandeling niets had gezien. Toch is dit op zichzelf meestal niet vreemd.</p><p data-start="477" data-end="596">Een wormmiddel kan aanwezige wormen doden of verlammen, waarna ze via de darm met de mest naar buiten worden afgevoerd.</p><p data-start="598" data-end="695"><strong data-start="598" data-end="695">Dat je na het ontwormen wormen ziet, betekent dus niet automatisch dat er iets mis is gegaan.</strong></p><h2 data-section-id="10ktdes" data-start="697" data-end="745">Waarom zie je de wormen pas na het ontwormen?</h2><p data-start="747" data-end="846">Veel darmwormen leven normaal gesproken in het paard en komen niet vanzelf met de mest naar buiten.</p><p class="" data-start="848" data-end="1013">Na behandeling kunnen wormen loskomen van de darmwand of hun vermogen verliezen om zich in de darm te handhaven. De darmbeweging voert ze vervolgens mee naar buiten.</p><p data-start="1015" data-end="1132">Daardoor kun je na een behandeling ineens wormen zien die vóór het ontwormen volledig aan het zicht waren onttrokken.</p><p data-start="1134" data-end="1202">Hoeveel je ziet, verschilt sterk per paard, parasiet en behandeling.</p><h2 data-section-id="nj6uar" data-start="1204" data-end="1247">Welke wormen kun je na behandeling zien?</h2><p data-start="1249" data-end="1298">Vooral grotere wormsoorten vallen gemakkelijk op.</p><h3 data-section-id="3ci9tw" data-start="1300" data-end="1313">Spoelworm</h3><p data-start="1315" data-end="1429"><strong data-start="1315" data-end="1350">Spoelwormen (<em data-start="1330" data-end="1342">Parascaris</em> spp.)</strong> kunnen tientallen centimeters lang worden en zijn daardoor moeilijk te missen.</p><p data-start="1431" data-end="1516">Ze zijn meestal witachtig tot crème van kleur en lijken enigszins op dikke spaghetti.</p><p data-start="1518" data-end="1647">Vooral bij jonge paarden met een flinke spoelworminfectie kunnen na behandeling meerdere volwassen wormen in de mest verschijnen.</p><h3 data-section-id="s0czpd" data-start="1649" data-end="1662">Bloedworm</h3><p data-start="1664" data-end="1723">Ook bloedwormen kunnen na behandeling worden uitgescheiden.</p><p data-start="1725" data-end="1897">Kleine bloedwormen zijn veel kleiner dan spoelwormen en kunnen variëren van bleek of witachtig tot rood of donkerrood. Daardoor worden ze gemakkelijk over het hoofd gezien.</p><p data-start="1899" data-end="1976">Alleen aan de kleur kun je dus niet bepalen of iets wel of geen bloedworm is.</p><h3 data-section-id="1lewly8" data-start="1978" data-end="1990">Aarsworm</h3><p data-start="1992" data-end="2107">Volwassen aarswormen kunnen eveneens zichtbaar zijn. Vooral de vrouwelijke wormen zijn relatief groot en witachtig.</p><p data-start="2109" data-end="2232">Aarsworm wordt vaak eerder opgemerkt door <strong data-start="2151" data-end="2185">jeuk en schuren rond de staart</strong> dan doordat de worm in de mest wordt gevonden.</p><h3 data-section-id="1nm361q" data-start="2234" data-end="2246">Lintworm</h3><p data-start="2248" data-end="2337">Bij lintworm kunnen na behandeling wormdelen of complete lintwormen worden uitgescheiden.</p><p data-start="2339" data-end="2413">Ze zien er duidelijk anders uit dan de lange ronde wormen zoals spoelworm.</p><h2 data-section-id="1tt8cga" data-start="2415" data-end="2480">Betekent veel zichtbare wormen dat het paard zwaar besmet was?</h2><p data-start="2482" data-end="2500">Niet noodzakelijk.</p><p data-start="2502" data-end="2648">Het aantal wormen dat je in één of enkele mestballen ziet, is geen betrouwbare telling van het totale aantal wormen dat in het paard aanwezig was.</p><p data-start="2650" data-end="2663">Een deel kan:</p><ul data-start="2665" data-end="2812"><li data-section-id="16enhq1" data-start="2665" data-end="2696">al eerder zijn uitgescheiden;</li><li data-section-id="12iu0j3" data-start="2697" data-end="2734">uiteenvallen in het maagdarmkanaal;</li><li data-section-id="1577hxj" data-start="2735" data-end="2782">niet herkenbaar meer in de mest terechtkomen;</li><li data-section-id="1k08tks" data-start="2783" data-end="2812">later worden uitgescheiden.</li></ul><p data-start="2814" data-end="2941">Andersom kan één opvallend grote spoelworm veel indruk maken terwijl dat weinig zegt over hoeveel andere wormen aanwezig waren.</p><p data-start="2943" data-end="3028"><strong data-start="2943" data-end="3028">Zichtbare wormen zijn dus geen kwantitatieve maat voor de ernst van een infectie.</strong></p><h2 data-section-id="1lrm4l7" data-start="3030" data-end="3068">En als ik helemaal geen wormen zie?</h2><p data-start="3070" data-end="3090">Ook dat zegt weinig.</p><p data-start="3092" data-end="3183">Na een effectieve behandeling hoef je helemaal geen herkenbare wormen in de mest te vinden.</p><p data-start="3185" data-end="3277">Veel wormen zijn klein, kunnen worden afgebroken of vallen simpelweg niet op tussen de mest.</p><p data-start="3279" data-end="3359"><strong data-start="3279" data-end="3359">Geen wormen zien betekent daarom niet dat het wormmiddel niet heeft gewerkt.</strong></p><p data-start="3361" data-end="3487">Omgekeerd bewijst het zien van wormen na behandeling ook niet dat alle aanwezige wormen door het gebruikte middel zijn gedood.</p><h2 data-section-id="1s8l6wz" data-start="3489" data-end="3550">Kun je aan de wormen zien of het wormmiddel heeft gewerkt?</h2><p data-start="3552" data-end="3569">Niet betrouwbaar.</p><p data-start="3571" data-end="3720">Dat er na behandeling wormen worden uitgescheiden, laat zien dat er wormen aanwezig waren en dat ten minste een deel daarvan is losgekomen of gedood.</p><p data-start="3722" data-end="3823">Maar het vertelt niet of het middel <strong data-start="3758" data-end="3811">voldoende effectief tegen de totale wormpopulatie</strong> is geweest.</p><p data-start="3825" data-end="3870">Dat is vooral belangrijk vanwege resistentie.</p><p data-start="3872" data-end="4052">Wanneer we bijvoorbeeld willen weten of een wormmiddel nog goed werkt tegen bloedworm of spoelworm, kijken we daarom niet naar het aantal wormen dat na behandeling in de mest ligt.</p><p data-start="4054" data-end="4127">Daarvoor is een <strong data-start="4070" data-end="4110">Worm Egg Reduction Test (WERT/FECRT)</strong> veel geschikter.</p><p data-start="4129" data-end="4210">Daarbij wordt de hoeveelheid eitjes vóór en na behandeling met elkaar vergeleken.</p><p data-start="4212" data-end="4270"><strong data-start="4212" data-end="4270">Lees ook dit artikel: Hoe bereken ik de FECRT of WERT?</strong></p><h2 data-section-id="76oy5x" data-start="4272" data-end="4329">Waarom kan ik na behandeling nog steeds eitjes vinden?</h2><p data-start="4331" data-end="4379">Ook dit moet voorzichtig worden geïnterpreteerd.</p><p data-start="4381" data-end="4619">Wanneer kort na behandeling nog enkele eitjes worden aangetroffen, hoeft dat niet automatisch te betekenen dat levende volwassen wormen zijn achtergebleven. Er kan bijvoorbeeld nog darminhoud met eerder geproduceerde eitjes onderweg zijn.</p><p data-start="4621" data-end="4728">Daarom wordt de controle na behandeling op een <strong data-start="4668" data-end="4716">voor het gebruikte wormmiddel passend moment</strong> uitgevoerd.</p><p data-start="4730" data-end="4796">Pas dan kun je de daling van de ei-uitscheiding zinvol beoordelen.</p><h2 data-section-id="c0nwe0" data-start="4798" data-end="4852">Vooral bij spoelworm is enige voorzichtigheid nodig</h2><p data-start="4854" data-end="4985">Bij een jong paard met een <strong data-start="4881" data-end="4913">zeer zware spoelworminfectie</strong> kunnen grote aantallen volwassen wormen in de dunne darm aanwezig zijn.</p><p data-start="4987" data-end="5136">Het plotseling afsterven of loskomen van een grote wormmassa kan in uitzonderlijke gevallen problemen veroorzaken, waaronder verstopping van de darm.</p><p data-start="5138" data-end="5247">Zie je bij een jong paard na behandeling zeer grote aantallen spoelwormen en krijgt het paard klachten zoals:</p><ul data-start="5249" data-end="5350"><li data-section-id="1i69da4" data-start="5249" data-end="5258">koliek;</li><li data-section-id="iyppm" data-start="5259" data-end="5278">niet willen eten;</li><li data-section-id="8x8vtw" data-start="5279" data-end="5312">weinig of geen mest produceren;</li><li data-section-id="1tx7jcr" data-start="5313" data-end="5350">duidelijk ziek of lusteloos worden;</li></ul><p data-start="5352" data-end="5390">neem dan contact op met de dierenarts.</p><h2 data-section-id="8t4zyv" data-start="5392" data-end="5477">Wormen zien betekent niet automatisch dat het mestonderzoek ze had moeten aantonen</h2><p data-start="5479" data-end="5513">Dit is een belangrijk onderscheid.</p><p data-start="5515" data-end="5588">Niet iedere parasiet wordt met gewoon mestonderzoek even goed aangetoond.</p><p data-start="5590" data-end="5696">Daarnaast zoeken we bij mestonderzoek meestal naar <strong data-start="5641" data-end="5661">eitjes of larven</strong>, niet naar de volwassen worm zelf.</p><p data-start="5698" data-end="5747">Een paard kan bijvoorbeeld wormen hebben terwijl:</p><ul data-start="5749" data-end="5990"><li data-section-id="1f166ja" data-start="5749" data-end="5815">de wormen nog niet volwassen zijn en dus geen eitjes produceren;</li><li data-section-id="rpuxv1" data-start="5816" data-end="5881">de parasiet zijn eitjes niet regelmatig via de mest uitscheidt;</li><li data-section-id="1ai9xg5" data-start="5882" data-end="5922">een andere onderzoeksmethode nodig is;</li><li data-section-id="1p0vqk4" data-start="5923" data-end="5990">de ei-uitscheiding onder de detectiegrens van het onderzoek ligt.</li></ul><p data-start="5992" data-end="6111">Het vinden van een worm na behandeling is daarom niet automatisch in tegenspraak met een eerdere negatieve mestuitslag.</p><p data-start="6113" data-end="6206"><strong data-start="6113" data-end="6206">Lees ook dit artikel: Geen wormeitjes gevonden, maar toch wormen in de mest: hoe kan dat?</strong></p><h2 data-section-id="hqokwi" data-start="6208" data-end="6248">Moet je iets doen als je wormen ziet?</h2><p data-start="6250" data-end="6336">Vaak is alleen vaststellen <strong data-start="6277" data-end="6303">welke parasiet je ziet</strong> al de belangrijkste eerste stap.</p><p data-start="6338" data-end="6466">Een grote spoelworm bij een jong paard heeft bijvoorbeeld een andere betekenis dan een kleine bloedworm bij een volwassen paard.</p><p data-start="6468" data-end="6515">Kijk vervolgens naar het totale wormmanagement:</p><ul data-start="6517" data-end="6713"><li data-section-id="2pcamg" data-start="6517" data-end="6561">welke parasiet is waarschijnlijk aanwezig?</li><li data-section-id="qn0s5g" data-start="6562" data-end="6588">welk middel is gebruikt?</li><li data-section-id="zl3c0d" data-start="6589" data-end="6634">was dit middel tegen deze parasiet bedoeld?</li><li data-section-id="1dd0d1z" data-start="6635" data-end="6670">is controle van de werking nodig?</li><li data-section-id="dp31js" data-start="6671" data-end="6713">wanneer is opnieuw mestonderzoek zinvol?</li></ul><p data-start="6715" data-end="6792">Alleen naar de zichtbare wormen kijken geeft daarvoor onvoldoende informatie.</p><h2 data-section-id="1qb2opf" data-start="6794" data-end="6830">Kijk naar het hele wormmanagement</h2><p data-start="6832" data-end="6972">Wormen in de mest zien na een ontworming kan opvallend zijn, maar is meestal gewoon het gevolg van het verwijderen van aanwezige parasieten.</p><p data-start="6974" data-end="7088">Belangrijker is de vraag <strong data-start="6999" data-end="7087">waarom het paard werd behandeld en of de behandeling het gewenste effect heeft gehad</strong>.</p><p data-start="7090" data-end="7332">Daarvoor zijn de voorgeschiedenis, het type parasiet, mestonderzoek en – wanneer relevant – controle van de werkzaamheid van het gebruikte wormmiddel veel informatiever dan het aantal wormen dat je na behandeling met het blote oog terugvindt.</p><p data-start="7334" data-end="7405"><strong data-start="7334" data-end="7405">Lees ook dit artikel: Welke wormmiddelen werken tegen welke wormen?</strong></p><p data-start="7407" data-end="7501" data-is-last-node="" data-is-only-node=""><strong data-start="7407" data-end="7501" data-is-last-node="">Lees ook dit artikel: Resistentie tegen wormmiddelen: hoe ontstaat het en wat kun je doen?</strong></p>								</div>
				</div>
					</div>
		</div>
					</div>
		</section>
				</div><p>The post <a href="https://www.hipposupport.nl/wormmanagement/ik-heb-mijn-paard-ontwormd-en-nu-zie-ik-wormen-in-de-mest-is-dat-wel-goed/">Ontwormd en daarna wormen in de mest: hoe kan dat?</a> first appeared on <a href="https://www.hipposupport.nl">De Mestonderzoekshop</a>.</p>]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Bloedonderzoek en worminfectie: wat zegt de uitslag?</title>
		<link>https://www.hipposupport.nl/uitslag_begrijpen/bloedonderzoek-zegt-niets-over-de-ernst-van-een-wormbesmetting/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[Richard Verbree]]></dc:creator>
		<pubDate>Thu, 14 Jul 2022 11:04:55 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Uitslag begrijpen]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.hipposupport.nl/?p=3059</guid>

					<description><![CDATA[<p>Bij regulier bloedonderzoek kan een verhoogde bèta-globulinewaarde worden gevonden. Daaruit wordt soms te snel geconcludeerd dat er sprake is van een worminfectie. Die conclusie kun je op basis van deze bloedwaarde alleen niet trekken. Een verhoogde bèta-globulinewaarde vertelt niet welke parasiet eventueel aanwezig is, niet hoe ernstig een mogelijke infectie is en ook niet of [&#8230;]</p>
<p>The post <a href="https://www.hipposupport.nl/uitslag_begrijpen/bloedonderzoek-zegt-niets-over-de-ernst-van-een-wormbesmetting/">Bloedonderzoek en worminfectie: wat zegt de uitslag?</a> first appeared on <a href="https://www.hipposupport.nl">De Mestonderzoekshop</a>.</p>]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<div data-elementor-type="wp-post" data-elementor-id="3059" class="elementor elementor-3059">
						<section class="elementor-section elementor-top-section elementor-element elementor-element-8201b27 elementor-section-boxed elementor-section-height-default elementor-section-height-default" data-id="8201b27" data-element_type="section" data-e-type="section">
						<div class="elementor-container elementor-column-gap-default">
					<div class="elementor-column elementor-col-100 elementor-top-column elementor-element elementor-element-6d6cba4" data-id="6d6cba4" data-element_type="column" data-e-type="column">
			<div class="elementor-widget-wrap elementor-element-populated">
						<div class="elementor-element elementor-element-def53d3 elementor-widget elementor-widget-text-editor" data-id="def53d3" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="text-editor.default">
				<div class="elementor-widget-container">
									<p class="isSelectedEnd">Bij regulier bloedonderzoek kan een verhoogde bèta-globulinewaarde worden gevonden. Daaruit wordt soms te snel geconcludeerd dat er sprake is van een worminfectie.</p>
<p class="isSelectedEnd"><strong>Die conclusie kun je op basis van deze bloedwaarde alleen niet trekken.</strong> Een verhoogde bèta-globulinewaarde vertelt niet <strong>welke parasiet</strong> eventueel aanwezig is, niet <strong>hoe ernstig</strong> een mogelijke infectie is en ook niet <strong>of die infectie op dat moment nog aanwezig is</strong>.</p>
<p class="isSelectedEnd">Juist dat laatste is belangrijk: uit onderzoek blijkt dat deze bloedwaarden ook na een aantoonbaar succesvolle behandeling verhoogd kunnen blijven.<span class="text-token-text-primary cursor-text rounded-sm" data-placeholder-token="true">[1]</span></p>
<h2>Wat betekent zo’n uitslag dan wel?</h2>
<p class="isSelectedEnd">Een verhoogde bèta-globulinewaarde kan passen bij een worminfectie en kan daarom aanleiding zijn om verder te onderzoeken of parasieten een rol spelen.</p>
<p class="isSelectedEnd">De bloeduitslag zelf is echter geen bewijs voor een actuele worminfectie.</p>
<h2>Wat kun je het beste doen?</h2>
<p class="isSelectedEnd">Als de bloeduitslag aanleiding geeft om aan wormen te denken, is de logische volgende stap om te proberen vast te stellen <strong>welke parasiet eventueel aanwezig is</strong>.</p>
<p class="isSelectedEnd">Dat kan bijvoorbeeld met mestonderzoek of, afhankelijk van de verdenking, met een andere onderzoeksmethode.</p>
<p class="isSelectedEnd">Pas daarna kun je samen met de dierenarts bepalen of behandeling nodig is en welk middel daarbij past.</p>
<h3>Wetenschappelijke onderbouwing</h3>
<p class="isSelectedEnd"><strong><span class="text-token-text-primary cursor-text rounded-sm" data-placeholder-token="true">[1]</span></strong> Abbott JB, Mellor DJ, Love S. <em>Assessment of serum protein electrophoresis for monitoring therapy of naturally acquired equine cyathostomin infections.</em> Veterinary Parasitology. 2007;147:110–117. DOI: 10.1016/j.vetpar.2007.03.020.</p>
<p class="isSelectedEnd">In dit onderzoek werden paarden met een natuurlijke kleine-bloedworminfectie behandeld en vervolgens tot 80 dagen gevolgd. Ondanks aantoonbaar succesvolle behandeling veranderden de gemeten bloedeiwitten niet op een manier waarmee kon worden vastgesteld of de infectie nog aanwezig was.</p>
<p class="isSelectedEnd"><strong>Lees ook deze artikelen:&nbsp;</strong></p><p class="isSelectedEnd"><strong>Welke parasieten kun je met mestonderzoek aantonen?</strong></p>
<p><strong>Wat betekent een EPG-waarde bij mestonderzoek?</strong></p>								</div>
				</div>
					</div>
		</div>
					</div>
		</section>
				</div><p>The post <a href="https://www.hipposupport.nl/uitslag_begrijpen/bloedonderzoek-zegt-niets-over-de-ernst-van-een-wormbesmetting/">Bloedonderzoek en worminfectie: wat zegt de uitslag?</a> first appeared on <a href="https://www.hipposupport.nl">De Mestonderzoekshop</a>.</p>]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Wat betekent een EPG-waarde bij mestonderzoek?</title>
		<link>https://www.hipposupport.nl/mestonderzoek_begrijpen/mijn-paard-heeft-een-zware-epg-500-bloedwormbesmetting-wat-moet-ik-nu-doen/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[Richard Verbree]]></dc:creator>
		<pubDate>Wed, 09 Jun 2021 13:32:17 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Mestonderzoek begrijpen]]></category>
		<category><![CDATA[Uitslag begrijpen]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.hipposupport.nl/?p=1328</guid>

					<description><![CDATA[<p>Je hebt mestonderzoek gedaan en een EPG vastgesteld. Wat moet je nu met die uitslag? Kijk daarvoor eerst welke parasiet je hebt gevonden. Alleen bij bloedworm gebruiken we de hoogte van de EPG om het vervolg te bepalen. Andere parasiet dan bloedworm gevonden? Vind je eitjes van een andere parasiet dan bloedworm, zoals spoelworm of [&#8230;]</p>
<p>The post <a href="https://www.hipposupport.nl/mestonderzoek_begrijpen/mijn-paard-heeft-een-zware-epg-500-bloedwormbesmetting-wat-moet-ik-nu-doen/">Wat betekent een EPG-waarde bij mestonderzoek?</a> first appeared on <a href="https://www.hipposupport.nl">De Mestonderzoekshop</a>.</p>]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<div data-elementor-type="wp-post" data-elementor-id="1328" class="elementor elementor-1328">
						<section class="elementor-section elementor-top-section elementor-element elementor-element-435137e elementor-section-boxed elementor-section-height-default elementor-section-height-default" data-id="435137e" data-element_type="section" data-e-type="section">
						<div class="elementor-container elementor-column-gap-default">
					<div class="elementor-column elementor-col-100 elementor-top-column elementor-element elementor-element-a5bf61d" data-id="a5bf61d" data-element_type="column" data-e-type="column">
			<div class="elementor-widget-wrap elementor-element-populated">
						<div class="elementor-element elementor-element-413dcdf elementor-widget elementor-widget-text-editor" data-id="413dcdf" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="text-editor.default">
				<div class="elementor-widget-container">
									<p class="isSelectedEnd">Je hebt mestonderzoek gedaan en een EPG vastgesteld. Wat moet je nu met die uitslag?</p><p>Kijk daarvoor <strong>eerst welke parasiet je hebt gevonden</strong>. Alleen bij bloedworm gebruiken we de hoogte van de EPG om het vervolg te bepalen.</p>								</div>
				</div>
				<div class="elementor-element elementor-element-6ca6cad elementor-widget elementor-widget-heading" data-id="6ca6cad" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="heading.default">
				<div class="elementor-widget-container">
					<h3 class="elementor-heading-title elementor-size-default">Andere parasiet dan bloedworm gevonden?</h3>				</div>
				</div>
				<div class="elementor-element elementor-element-f35e4a5 elementor-widget elementor-widget-text-editor" data-id="f35e4a5" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="text-editor.default">
				<div class="elementor-widget-container">
									<p class="isSelectedEnd">Vind je eitjes van een andere parasiet dan bloedworm, zoals spoelworm of lintworm? Neem dan altijd contact op met je dierenarts voor een gerichte behandeling.</p><p><strong>Neem contact op met je dierenarts om de behandeling te bespreken.</strong></p>								</div>
				</div>
				<div class="elementor-element elementor-element-861b126 elementor-widget elementor-widget-heading" data-id="861b126" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="heading.default">
				<div class="elementor-widget-container">
					<h3 class="elementor-heading-title elementor-size-default">Bloedworm: EPG &lt;200</h3>				</div>
				</div>
				<div class="elementor-element elementor-element-26bb751 elementor-widget elementor-widget-text-editor" data-id="26bb751" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="text-editor.default">
				<div class="elementor-widget-container">
									<p class="isSelectedEnd">Een EPG onder de 200 is een <strong>lage ei-uitscheiding</strong>.</p><ul data-spread="false"><li>Behandeling is op basis van deze uitslag niet nodig.</li><li>Bespreek de uitslag altijd met de dierenarts. Leeftijd, voorgeschiedenis of andere omstandigheden kunnen aanleiding zijn om hiervan af te wijken.</li><li><strong>Plan uiterlijk over 8 weken een nieuw mestonderzoek.</strong></li></ul><p>Bij paarden die bij herhaald onderzoek consequent laag blijven, kan met een lagere frequentie worden onderzocht.</p>								</div>
				</div>
				<div class="elementor-element elementor-element-ecd8f44 elementor-widget elementor-widget-heading" data-id="ecd8f44" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="heading.default">
				<div class="elementor-widget-container">
					<h3 class="elementor-heading-title elementor-size-default">Bloedworm: 200  500</h3>				</div>
				</div>
				<div class="elementor-element elementor-element-bdb1d70 elementor-widget elementor-widget-text-editor" data-id="bdb1d70" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="text-editor.default">
				<div class="elementor-widget-container">
									<p class="isSelectedEnd">Een EPG tussen de 200 en 500 noemen wij <strong>matige ei-uitscheiding</strong>.</p><p class="isSelectedEnd">Dit is niet automatisch een reden om direct te behandelen. De ei-uitscheiding is echter duidelijk hoger en kan verder oplopen.</p><ul data-spread="false"><li>Overleg met je dierenarts of behandeling in de situatie van dit paard nodig is.</li><li><strong>Wanneer in overleg met de dierenarts wordt besloten niet te behandelen, plan dan uiterlijk na 4 weken een nieuw mestonderzoek.</strong></li></ul><p>Zo voorkom je dat een stijgende ei-uitscheiding lange tijd onopgemerkt blijft.</p>								</div>
				</div>
				<div class="elementor-element elementor-element-17d9938 elementor-widget elementor-widget-heading" data-id="17d9938" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="heading.default">
				<div class="elementor-widget-container">
					<h3 class="elementor-heading-title elementor-size-default">Bloedworm: 500 EPG of hoger</h3>				</div>
				</div>
				<div class="elementor-element elementor-element-437e940 elementor-widget elementor-widget-text-editor" data-id="437e940" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="text-editor.default">
				<div class="elementor-widget-container">
									<p class="isSelectedEnd">Dit is een <strong>hoge ei-uitscheiding</strong>.</p><ul data-spread="false"><li><strong>Neem contact op met je dierenarts om behandeling te bespreken.</strong></li><li>Plan direct ook onderzoek in om de effectiviteit van de kuur te controleren (<strong>FECRT/WERT)</strong>.</li><li><strong>Plan ongeveer 8 weken na de behandeling opnieuw mestonderzoek.</strong></li></ul><p><strong>Zie ook de instructie: Hoe bereken ik de FECRT of WERT?</strong></p>								</div>
				</div>
				<div class="elementor-element elementor-element-f94ce28 elementor-widget elementor-widget-heading" data-id="f94ce28" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="heading.default">
				<div class="elementor-widget-container">
					<h3 class="elementor-heading-title elementor-size-default">Waarom gebruiken wij 200 en 500 EPG als grenzen?</h3>				</div>
				</div>
				<div class="elementor-element elementor-element-c7d6b58 elementor-widget elementor-widget-text-editor" data-id="c7d6b58" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="text-editor.default">
				<div class="elementor-widget-container">
									<p class="isSelectedEnd">De internationale richtlijnen hanteren 200 en 500 EPG als praktische grenzen voor de interpretatie van strongyliden. In 2024 verscheen de <strong>KNMvD Leidraad Paard en Parasieten</strong>, waarin voor strongyliden een behandelgrens vanaf ongeveer 200 EPG wordt gehanteerd. Daarmee wijkt de Nederlandse leidraad af van de internationale indeling waarbij tot 200 EPG als lage, 200–500 EPG als matige en vanaf 500 EPG als hoge ei-uitscheiding wordt beschouwd.</p><p class="isSelectedEnd">Over de optimale behandelgrens bestaat wetenschappelijk discussie. Wij houden vast aan <strong>200 en 500 EPG als praktische grenzen</strong>. Een belangrijke reden daarvoor is resistentieontwikkeling. Onderzoek waarin behandelgrenzen van 100 tot 600 EPG werden vergeleken laat zien dat lage behandelgrenzen leiden tot meer behandelingen en dat bij grenzen van 200 EPG of lager resistentie relatief snel kan worden geselecteerd. Hogere behandelgrenzen verminderen de behandelintensiteit en zorgen ervoor dat er meer wormen aanwezig blijven die niet aan het ontwormingsmiddel zijn blootgesteld. Daardoor blijft de kans kleiner dat resistente wormen zich snel verspreiden.<span class="text-token-text-primary cursor-text rounded-sm" data-placeholder-token="true">[1]</span></p><p class="isSelectedEnd">Daarnaast liet onderzoek bij 693 paarden zien dat strongyliden-FEC-grenzen tot 500 EPG nog onderscheid maakten tussen groepen met verschillende aantallen strongyliden; hogere afkapwaarden leverden geen verdere duidelijke scheiding op.<span class="text-token-text-primary cursor-text rounded-sm" data-placeholder-token="true">[2]</span></p><p class="isSelectedEnd">Daarom zien wij <strong>200 EPG niet als automatische behandelgrens</strong>. Tussen 200 en 500 EPG adviseren we intensiever te monitoren en de situatie met de dierenarts te bespreken. Vanaf 500 EPG adviseren we behandeling met de dierenarts te bespreken.</p><h3>Wetenschappelijke onderbouwing</h3><p class="isSelectedEnd"><strong><span class="text-token-text-primary cursor-text rounded-sm" data-placeholder-token="true">[1]</span></strong> Leathwick DM, Sauermann CW, Nielsen MK. <em>Managing anthelmintic resistance in cyathostomin parasites: Investigating the benefits of refugia-based strategies.</em> International Journal for Parasitology: Drugs and Drug Resistance. 2019;10:118–124. DOI: 10.1016/j.ijpddr.2019.08.008.</p><p class="isSelectedEnd"><strong><span class="text-token-text-primary cursor-text rounded-sm" data-placeholder-token="true">[2]</span></strong> Nielsen MK, Baptiste KE, Tolliver SC, Collins SS, Lyons ET. <em>Analysis of multiyear studies in horses in Kentucky to ascertain whether counts of eggs and larvae per gram of feces are reliable indicators of numbers of strongyles and ascarids present.</em> Veterinary Parasitology. 2010;174:77–84. DOI: 10.1016/j.vetpar.2010.08.007.</p><p class="isSelectedEnd"><strong>Lees ook deze artikelen: </strong></p><p class="isSelectedEnd"><strong>Is jouw paard gevoelig voor worminfecties?</strong></p><p><strong>Wat betekent het als je geen wormeitjes vindt?</strong></p>								</div>
				</div>
					</div>
		</div>
					</div>
		</section>
				<section class="elementor-section elementor-top-section elementor-element elementor-element-5d7dccab elementor-section-boxed elementor-section-height-default elementor-section-height-default" data-id="5d7dccab" data-element_type="section" data-e-type="section">
						<div class="elementor-container elementor-column-gap-default">
					<div class="elementor-column elementor-col-100 elementor-top-column elementor-element elementor-element-66648e08" data-id="66648e08" data-element_type="column" data-e-type="column">
			<div class="elementor-widget-wrap elementor-element-populated">
						<div class="elementor-element elementor-element-2efb6c1d elementor-widget elementor-widget-text-editor" data-id="2efb6c1d" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="text-editor.default">
				<div class="elementor-widget-container">
									<div class="fsf_faq_question ">Een hogere wormeitelling (EPG boven de 500) van de bloedworm is niet direct reden tot paniek, maar wel een reden om tot actie over te gaan. Neem contact op met je dierenarts voor gerichte ontworming. Vooral jonge paarden, maar ook paarden met lagere weerstand kunnen gemakkelijk een wormbesmetting oplopen. Juist bij deze paarden is het van belang zeer regelmatig te monitoren, zodat er op tijd ingegrepen kan worden als de wormbesmetting te hoog wordt. Ook is het bij deze groep paarden van groot belang om te controleren of de gegeven ontwormkuur ook werkelijk effectief is geweest. Dit kun je doen door 2 weken na het toedienen van het ontwormmiddel weer een mestonderzoek te laten uitvoeren. Als het middeleffectief is geweest zal bij dit onderzoek geen of een zeer weinig worm eitjes gevonden moeten worden. Dit wordt ook wel de Worm-Ei-Reductie-Test (WERT) genoemd. Indien het mestonderzoek niet schoon is moet er met de dierenarts overlegd worden om te kijken of er beter een ontwormmiddel met een andere werkzame stof toegediend kan worden. Ook voor dit nieuw gekozen middel moet weer gecontroleerd worden of deze effectief is geweest na 2 weken.</div>								</div>
				</div>
					</div>
		</div>
					</div>
		</section>
				</div><p>The post <a href="https://www.hipposupport.nl/mestonderzoek_begrijpen/mijn-paard-heeft-een-zware-epg-500-bloedwormbesmetting-wat-moet-ik-nu-doen/">Wat betekent een EPG-waarde bij mestonderzoek?</a> first appeared on <a href="https://www.hipposupport.nl">De Mestonderzoekshop</a>.</p>]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Er zijn spoelwormeitjes gevonden in de mest van mijn paard. Wat moet ik nu doen?</title>
		<link>https://www.hipposupport.nl/uitslag_begrijpen/er-zijn-spoelwormeitjes-gevonden-in-de-mest-van-mijn-paard-wat-moet-ik-nu-doen/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[Richard Verbree]]></dc:creator>
		<pubDate>Wed, 09 Jun 2021 13:27:02 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Uitslag begrijpen]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.hipposupport.nl/?p=1322</guid>

					<description><![CDATA[<p>Zijn er spoelwormeitjes (Parascaris) gevonden in de mest van je paard? Neem dan contact op met je dierenarts om een gerichte behandeling te bespreken. De hoogte van de EPG bepaalt bij spoelworm niet, zoals bij bloedworm, of behandeling nodig is. Het aantonen van spoelwormeitjes is op zichzelf al reden om actie te ondernemen. Kies niet [&#8230;]</p>
<p>The post <a href="https://www.hipposupport.nl/uitslag_begrijpen/er-zijn-spoelwormeitjes-gevonden-in-de-mest-van-mijn-paard-wat-moet-ik-nu-doen/">Er zijn spoelwormeitjes gevonden in de mest van mijn paard. Wat moet ik nu doen?</a> first appeared on <a href="https://www.hipposupport.nl">De Mestonderzoekshop</a>.</p>]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<div data-elementor-type="wp-post" data-elementor-id="1322" class="elementor elementor-1322">
						<section class="elementor-section elementor-top-section elementor-element elementor-element-4ca72291 elementor-section-boxed elementor-section-height-default elementor-section-height-default" data-id="4ca72291" data-element_type="section" data-e-type="section">
						<div class="elementor-container elementor-column-gap-default">
					<div class="elementor-column elementor-col-100 elementor-top-column elementor-element elementor-element-3ea401b4" data-id="3ea401b4" data-element_type="column" data-e-type="column">
			<div class="elementor-widget-wrap elementor-element-populated">
						<div class="elementor-element elementor-element-532420b4 elementor-widget elementor-widget-text-editor" data-id="532420b4" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="text-editor.default">
				<div class="elementor-widget-container">
									<div class="fsf_faq_question "><img fetchpriority="high" decoding="async" class="size-medium wp-image-619 alignright" src="https://www.hipposupport.nl/wp-content/uploads/2021/06/veulen_spoelworm_4-300x201.jpg" alt="" width="300" height="201" srcset="https://www.hipposupport.nl/wp-content/uploads/2021/06/veulen_spoelworm_4-300x201.jpg 300w, https://www.hipposupport.nl/wp-content/uploads/2021/06/veulen_spoelworm_4-1024x684.jpg 1024w, https://www.hipposupport.nl/wp-content/uploads/2021/06/veulen_spoelworm_4-768x513.jpg 768w, https://www.hipposupport.nl/wp-content/uploads/2021/06/veulen_spoelworm_4-600x401.jpg 600w, https://www.hipposupport.nl/wp-content/uploads/2021/06/veulen_spoelworm_4.jpg 1122w" sizes="(max-width: 300px) 100vw, 300px" /><p class="isSelectedEnd">Zijn er spoelwormeitjes (<em>Parascaris</em>) gevonden in de mest van je paard? Neem dan <strong>contact op met je dierenarts om een gerichte behandeling te bespreken</strong>.</p><p class="isSelectedEnd">De hoogte van de EPG bepaalt bij spoelworm niet, zoals bij bloedworm, of behandeling nodig is. Het aantonen van spoelwormeitjes is op zichzelf al reden om actie te ondernemen.</p><h2>Kies niet zomaar een ontwormmiddel</h2><p class="isSelectedEnd">Bij spoelworm komt veel resistentie tegen ontwormmiddelen voor. Vooral ivermectine en moxidectine zijn hierdoor niet betrouwbaar genoeg om zonder meer als behandeling tegen spoelworm te kiezen.</p><p class="isSelectedEnd">Welk middel het meest geschikt is, bespreek je daarom met de dierenarts. Als op het bedrijf niet bekend is welke middelen nog goed werken, worden pyrantel of fenbendazol als voorkeursmiddelen genoemd.</p><h2>Controleer of de behandeling gewerkt heeft</h2><p class="isSelectedEnd">Na behandeling is het belangrijk om met een <strong>FECRT/WERT</strong> te controleren of het gebruikte ontwormmiddel voldoende effectief is geweest.</p><p class="isSelectedEnd">Dat is bij spoelworm extra belangrijk vanwege de veel voorkomende resistentie.</p><h2>Vooral belangrijk bij jonge paarden</h2><p class="isSelectedEnd">Spoelworm komt vooral voor bij veulens en jonge paarden. Bij een zware infectie kunnen grote aantallen spoelwormen in de darm aanwezig zijn. Een behandeling moet dan zorgvuldig worden gekozen, omdat het massaal afsterven van wormen problemen kan veroorzaken.</p><p class="isSelectedEnd">Bespreek een positieve uitslag bij een jong paard daarom altijd met de dierenarts.</p><h2>Ook bij een volwassen paard serieus nemen</h2><p class="isSelectedEnd">Spoelworm komt veel minder vaak voor bij volwassen paarden, maar een volwassen paard dat eitjes uitscheidt kan wel bijdragen aan de besmetting van de omgeving en daarmee een risico vormen voor jonge paarden.</p><p class="isSelectedEnd">Ook dan is overleg met de dierenarts en aandacht voor het totale wormmanagement belangrijk.</p><p class="isSelectedEnd"><strong>Lees ook dit artikel: Welke parasieten kun je met mestonderzoek aantonen?</strong></p><p class="isSelectedEnd"><strong>Lees ook dit artikel: Wat betekent een EPG-waarde bij mestonderzoek?</strong></p><p><strong>Zie ook de instructie: Hoe bereken ik de FECRT of WERT?</strong></p></div>								</div>
				</div>
					</div>
		</div>
					</div>
		</section>
				</div><p>The post <a href="https://www.hipposupport.nl/uitslag_begrijpen/er-zijn-spoelwormeitjes-gevonden-in-de-mest-van-mijn-paard-wat-moet-ik-nu-doen/">Er zijn spoelwormeitjes gevonden in de mest van mijn paard. Wat moet ik nu doen?</a> first appeared on <a href="https://www.hipposupport.nl">De Mestonderzoekshop</a>.</p>]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Er zijn lintwormeitjes aangetroffen in de mest van mijn paard. Wat moet ik nu doen?</title>
		<link>https://www.hipposupport.nl/uitslag_begrijpen/er-zijn-lintwormeitjes-aangetroffen-in-de-mest-van-mijn-paard-wat-moet-ik-nu-doen/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[Richard Verbree]]></dc:creator>
		<pubDate>Wed, 09 Jun 2021 13:23:12 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Uitslag begrijpen]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.hipposupport.nl/?p=1320</guid>

					<description><![CDATA[<p>Als er lintwormeitjes in de mest van je paard zijn gevonden, is de conclusie duidelijk: je paard heeft een lintworminfectie. Neem contact op met je dierenarts om een gerichte behandeling te bespreken. De hoogte van de EPG maakt hier niet uit Bij bloedworm gebruiken we de hoogte van de EPG om te bepalen hoe dringend [&#8230;]</p>
<p>The post <a href="https://www.hipposupport.nl/uitslag_begrijpen/er-zijn-lintwormeitjes-aangetroffen-in-de-mest-van-mijn-paard-wat-moet-ik-nu-doen/">Er zijn lintwormeitjes aangetroffen in de mest van mijn paard. Wat moet ik nu doen?</a> first appeared on <a href="https://www.hipposupport.nl">De Mestonderzoekshop</a>.</p>]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<div data-elementor-type="wp-post" data-elementor-id="1320" class="elementor elementor-1320">
						<section class="elementor-section elementor-top-section elementor-element elementor-element-7405163c elementor-section-boxed elementor-section-height-default elementor-section-height-default" data-id="7405163c" data-element_type="section" data-e-type="section">
						<div class="elementor-container elementor-column-gap-default">
					<div class="elementor-column elementor-col-100 elementor-top-column elementor-element elementor-element-54914" data-id="54914" data-element_type="column" data-e-type="column">
			<div class="elementor-widget-wrap elementor-element-populated">
						<div class="elementor-element elementor-element-6a8ccea5 elementor-widget elementor-widget-text-editor" data-id="6a8ccea5" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="text-editor.default">
				<div class="elementor-widget-container">
									<div class="fsf_faq_question "><p class="isSelectedEnd">Als er lintwormeitjes in de mest van je paard zijn gevonden, is de conclusie duidelijk:</p><p class="isSelectedEnd"><strong>je paard heeft een lintworminfectie.</strong></p><p class="isSelectedEnd">Neem contact op met je dierenarts om een gerichte behandeling te bespreken.</p><h2>De hoogte van de EPG maakt hier niet uit</h2><p class="isSelectedEnd">Bij bloedworm gebruiken we de hoogte van de EPG om te bepalen hoe dringend behandeling of heronderzoek nodig is.</p><p class="isSelectedEnd">Bij lintworm werkt dat anders.</p><p class="isSelectedEnd">Lintwormeitjes worden onregelmatig uitgescheiden. Daardoor zegt het aantal gevonden eitjes weinig over de ernst van de infectie.</p><p class="isSelectedEnd"><strong>Zijn lintwormeitjes aangetoond, dan is behandeling aangewezen, ongeacht de hoogte van de EPG.</strong></p><h2>Een negatieve uitslag sluit lintworm niet uit</h2><p class="isSelectedEnd">Het omgekeerde geldt niet.</p><p class="isSelectedEnd">Wanneer bij een standaard mestonderzoek géén lintwormeitjes worden gevonden, betekent dat niet dat je paard geen lintworm heeft. De eitjes worden niet voortdurend en niet gelijkmatig uitgescheiden en kunnen daardoor gemakkelijk in een mestmonster ontbreken.</p><p class="isSelectedEnd">Wil je lintworm gerichter onderzoeken, dan kan bijvoorbeeld de <strong>EquiSal Lintworm test</strong> worden gebruikt. Deze speekseltest geeft meer informatie over de waarschijnlijkheid en mate van een lintworminfectie.</p><h2>Wat doe je nu?</h2><ul data-spread="false"><li>Neem contact op met je dierenarts.</li><li>Bespreek een gerichte behandeling tegen lintworm.</li><li>Gebruik de hoogte van de EPG niet om te bepalen of behandeling nodig is.</li><li>Bespreek binnen het totale wormmanagement of en wanneer aanvullend onderzoek naar lintworm zinvol is.</li></ul><p class="isSelectedEnd"><strong>Lees ook dit artikel: Welke parasieten kun je met mestonderzoek aantonen?</strong></p><p><strong>Lees ook dit artikel: Wat betekent een EPG-waarde bij mestonderzoek?</strong></p></div>								</div>
				</div>
					</div>
		</div>
					</div>
		</section>
				</div><p>The post <a href="https://www.hipposupport.nl/uitslag_begrijpen/er-zijn-lintwormeitjes-aangetroffen-in-de-mest-van-mijn-paard-wat-moet-ik-nu-doen/">Er zijn lintwormeitjes aangetroffen in de mest van mijn paard. Wat moet ik nu doen?</a> first appeared on <a href="https://www.hipposupport.nl">De Mestonderzoekshop</a>.</p>]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Geen wormeitjes gevonden, maar toch wormen in de mest: hoe kan dat?</title>
		<link>https://www.hipposupport.nl/uitslag_begrijpen/de-uitslag-van-het-mestonderzoek-van-mijn-paard-was-schoon-maar-toch-zie-ik-wormen-in-de-mest-hoe-kan-dat/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[Richard Verbree]]></dc:creator>
		<pubDate>Wed, 09 Jun 2021 13:20:59 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Uitslag begrijpen]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.hipposupport.nl/?p=1318</guid>

					<description><![CDATA[<p>Je hebt mestonderzoek gedaan en geen wormeitjes gevonden. Een paar dagen of weken later ligt er ineens toch een worm in de mest. Dat lijkt tegenstrijdig, maar dat hoeft het helemaal niet te zijn. Een wormeitelling en het daadwerkelijk zien van een worm in de mest meten namelijk niet hetzelfde. Met een mestonderzoek zoek je [&#8230;]</p>
<p>The post <a href="https://www.hipposupport.nl/uitslag_begrijpen/de-uitslag-van-het-mestonderzoek-van-mijn-paard-was-schoon-maar-toch-zie-ik-wormen-in-de-mest-hoe-kan-dat/">Geen wormeitjes gevonden, maar toch wormen in de mest: hoe kan dat?</a> first appeared on <a href="https://www.hipposupport.nl">De Mestonderzoekshop</a>.</p>]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<div data-elementor-type="wp-post" data-elementor-id="1318" class="elementor elementor-1318">
						<section class="elementor-section elementor-top-section elementor-element elementor-element-b8c1ded elementor-section-boxed elementor-section-height-default elementor-section-height-default" data-id="b8c1ded" data-element_type="section" data-e-type="section">
						<div class="elementor-container elementor-column-gap-default">
					<div class="elementor-column elementor-col-100 elementor-top-column elementor-element elementor-element-10a6f5e" data-id="10a6f5e" data-element_type="column" data-e-type="column">
			<div class="elementor-widget-wrap elementor-element-populated">
						<div class="elementor-element elementor-element-aa8117b elementor-widget elementor-widget-text-editor" data-id="aa8117b" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="text-editor.default">
				<div class="elementor-widget-container">
									<p class="isSelectedEnd">Je hebt mestonderzoek gedaan en geen wormeitjes gevonden. Een paar dagen of weken later ligt er ineens toch een worm in de mest.</p><p class="isSelectedEnd">Dat lijkt tegenstrijdig, maar dat hoeft het helemaal niet te zijn.</p><p>Een wormeitelling en het daadwerkelijk zien van een worm in de mest meten namelijk <strong>niet hetzelfde</strong>. Met een mestonderzoek zoek je naar eitjes die door volwassen vrouwelijke wormen worden geproduceerd en met de gebruikte methode aantoonbaar zijn. Een zichtbare worm of larve in de mest kan daar om verschillende redenen niet mee overeenkomen.</p>								</div>
				</div>
					</div>
		</div>
					</div>
		</section>
				<section class="elementor-section elementor-top-section elementor-element elementor-element-e424409 elementor-section-boxed elementor-section-height-default elementor-section-height-default" data-id="e424409" data-element_type="section" data-e-type="section">
						<div class="elementor-container elementor-column-gap-default">
					<div class="elementor-column elementor-col-100 elementor-top-column elementor-element elementor-element-a6ac73c" data-id="a6ac73c" data-element_type="column" data-e-type="column">
			<div class="elementor-widget-wrap elementor-element-populated">
						<div class="elementor-element elementor-element-7083128 elementor-widget elementor-widget-heading" data-id="7083128" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="heading.default">
				<div class="elementor-widget-container">
					<h3 class="elementor-heading-title elementor-size-default">Geen eitjes vinden betekent niet dat er geen wormen aanwezig zijn</h3>				</div>
				</div>
				<div class="elementor-element elementor-element-210ba06 elementor-widget elementor-widget-text-editor" data-id="210ba06" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="text-editor.default">
				<div class="elementor-widget-container">
									<p class="isSelectedEnd">Bij een wormeitelling onderzoek je een klein, representatief deel van de mest op wormeitjes.</p><p class="isSelectedEnd">Wanneer je geen eitjes aantreft, ligt de ei-uitscheiding onder de detectiegrens van de gebruikte methode. Dat betekent niet dat je hebt aangetoond dat er geen parasieten in het paard aanwezig zijn.</p><p class="isSelectedEnd">Een worm kan bijvoorbeeld:</p><ul data-spread="false"><li>nog niet volwassen zijn en dus nog geen eitjes produceren;</li><li>tot een soort behoren waarvan de eitjes met de gebruikte methode moeilijk of niet aantoonbaar zijn;</li><li>aanwezig zijn terwijl slechts zeer weinig eitjes worden uitgescheiden;</li><li>of na behandeling uit het lichaam worden afgevoerd.</li></ul><p class="isSelectedEnd">Een zichtbare worm in de mest en een wormeitelling beantwoorden dus verschillende vragen.</p><p><strong>Lees ook dit artikel: Wat betekent het als je geen wormeitjes vindt?</strong></p>								</div>
				</div>
				<div class="elementor-element elementor-element-bb6bf35 elementor-widget elementor-widget-heading" data-id="bb6bf35" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="heading.default">
				<div class="elementor-widget-container">
					<h3 class="elementor-heading-title elementor-size-default">Een jonge infectie kan nog geen eitjes produceren</h3>				</div>
				</div>
				<div class="elementor-element elementor-element-4b6b24c elementor-widget elementor-widget-text-editor" data-id="4b6b24c" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="text-editor.default">
				<div class="elementor-widget-container">
									<p class="isSelectedEnd">Na besmetting duurt het tijd voordat een parasiet volwassen wordt en eitjes gaat produceren. Die periode noemen we de <strong>prepatente periode</strong>.</p><p class="isSelectedEnd">Tijdens die periode kunnen er al parasieten in het lichaam aanwezig zijn terwijl er nog geen eitjes in de mest gevonden kunnen worden.</p><p class="isSelectedEnd">Spoelworm is daarvan een duidelijk voorbeeld. Vooral bij veulens en jonge paarden kan een infectie al geruime tijd aanwezig zijn voordat de eerste eitjes in de mest verschijnen. Dat kan tot ongeveer twaalf weken duren.</p><p>Een mestonderzoek zonder aangetroffen spoelwormeitjes sluit een jonge spoelworminfectie daarom niet uit.</p>								</div>
				</div>
				<div class="elementor-element elementor-element-99fe5f9 elementor-widget elementor-widget-heading" data-id="99fe5f9" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="heading.default">
				<div class="elementor-widget-container">
					<h3 class="elementor-heading-title elementor-size-default">Na een ontworming kun je ineens wormen zien</h3>				</div>
				</div>
				<div class="elementor-element elementor-element-df39b8a elementor-widget elementor-widget-text-editor" data-id="df39b8a" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="text-editor.default">
				<div class="elementor-widget-container">
									<p class="isSelectedEnd">Een veel voorkomende situatie is dat er na behandeling wormen in de mest verschijnen.</p><p class="isSelectedEnd">Een werkzaam ontwormmiddel doodt of verlamt bepaalde parasieten, waarna deze via het darmkanaal kunnen worden uitgescheiden.</p><p class="isSelectedEnd">Vooral <strong>spoelwormen</strong> vallen daarbij op. Ze zijn groot, licht van kleur en kunnen met het blote oog gemakkelijk worden herkend.</p><p class="isSelectedEnd">Het feit dat je na behandeling wormen ziet, betekent niet automatisch dat een eerder mestonderzoek onjuist was.</p><p class="isSelectedEnd">Er kunnen bijvoorbeeld vóór de behandeling:</p><ul data-spread="false"><li>nog geen eitjes zijn geproduceerd;</li><li>zo weinig eitjes zijn uitgescheiden dat ze onder de detectiegrens lagen;</li><li>of parasieten aanwezig zijn geweest die met de gebruikte onderzoeksmethode niet goed werden aangetoond.</li></ul><p>Andersom geldt ook dat het aantal wormen dat je na behandeling in de mest ziet geen betrouwbare maat is voor het totale aantal wormen dat in het paard aanwezig was.</p>								</div>
				</div>
				<div class="elementor-element elementor-element-accf564 elementor-widget elementor-widget-heading" data-id="accf564" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="heading.default">
				<div class="elementor-widget-container">
					<h3 class="elementor-heading-title elementor-size-default">Niet iedere zichtbare parasiet legt eitjes die je met McMaster vindt</h3>				</div>
				</div>
				<div class="elementor-element elementor-element-3e4d384 elementor-widget elementor-widget-text-editor" data-id="3e4d384" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="text-editor.default">
				<div class="elementor-widget-container">
									<p class="isSelectedEnd">De McMaster-methode is vooral geschikt voor het aantonen en tellen van bepaalde wormeitjes, zoals die van strongyliden en spoelworm.</p><p class="isSelectedEnd">Andere parasieten vragen een andere benadering.</p><h3>Aarsworm</h3><p class="isSelectedEnd">Bij aarsworm worden de eitjes voornamelijk op de huid rondom de anus afgezet. Daardoor zitten ze vaak niet of nauwelijks in een gewoon mestmonster.</p><p class="isSelectedEnd">Een paard kan dus aarsworm hebben terwijl je bij een McMaster-telling geen aarswormeitjes vindt.</p><p class="isSelectedEnd">Bij verdenking op aarsworm is een plakband- of cellotapetest rondom de anus veel geschikter.</p><h3>Lintworm</h3><p class="isSelectedEnd">Lintwormeitjes worden niet voortdurend en gelijkmatig uitgescheiden. Daardoor kan een besmet paard een mestmonster produceren waarin geen lintwormeitjes worden aangetroffen.</p><p class="isSelectedEnd">Een standaard mestonderzoek is daarom niet geschikt om een lintworminfectie betrouwbaar uit te sluiten.</p><h3>Paardenhorzel</h3><p class="isSelectedEnd">Bij de paardenhorzel ligt het nog anders.</p><p class="isSelectedEnd">De volwassen vlieg plakt in zomer en najaar geelachtige eitjes aan de haren van het paard. Na opname ontwikkelen de larven zich in het paard.</p><p class="isSelectedEnd">Die larven worden niet via een gewone wormeitelling in de mest aangetoond.</p><p class="isSelectedEnd">In het voorjaar kunnen volgroeide horzellarven uiteindelijk via de mest naar buiten komen. Het is dan mogelijk dat je een vrij grote larve in de mest ziet terwijl een eerder mestonderzoek daar niets over kon vertellen.</p><p><strong>Lees ook dit artikel: Welke parasieten kun je met mestonderzoek aantonen?</strong></p>								</div>
				</div>
				<div class="elementor-element elementor-element-03790a1 elementor-widget elementor-widget-heading" data-id="03790a1" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="heading.default">
				<div class="elementor-widget-container">
					<h3 class="elementor-heading-title elementor-size-default">Ook het levensstadium is belangrijk</h3>				</div>
				</div>
				<div class="elementor-element elementor-element-26a8cc9 elementor-widget elementor-widget-text-editor" data-id="26a8cc9" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="text-editor.default">
				<div class="elementor-widget-container">
									<p class="isSelectedEnd">Bij mestonderzoek draait het niet alleen om <strong>welke parasiet</strong> aanwezig is, maar ook om <strong>in welk ontwikkelingsstadium</strong> die parasiet zich bevindt.</p><p class="isSelectedEnd">Ingekapselde larven van kleine bloedworm zijn daarvan een belangrijk voorbeeld.</p><p class="isSelectedEnd">Deze larven bevinden zich in de darmwand en produceren geen eitjes. Een gewone wormeitelling kan ze daarom niet aantonen.</p><p>Ze worden meestal ook niet als herkenbare wormen in de mest teruggevonden. Het voorbeeld laat vooral zien waarom de afwezigheid van eitjes nooit automatisch betekent dat ieder stadium van een parasiet is uitgesloten.</p>								</div>
				</div>
				<div class="elementor-element elementor-element-7521fee elementor-widget elementor-widget-heading" data-id="7521fee" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="heading.default">
				<div class="elementor-widget-container">
					<h3 class="elementor-heading-title elementor-size-default">Wat voor worm zie je eigenlijk?</h3>				</div>
				</div>
				<div class="elementor-element elementor-element-c5cf91d elementor-widget elementor-widget-text-editor" data-id="c5cf91d" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="text-editor.default">
				<div class="elementor-widget-container">
									<p class="isSelectedEnd">Wanneer je iets wormachtigs in de mest ziet, is het verstandig eerst vast te stellen wat het werkelijk is.</p><p class="isSelectedEnd">Niet alles wat lang, wit of draadvormig is, is een parasiet. Plantaardige vezels, slijm en ander materiaal kunnen soms verrassend veel op een worm lijken.</p><p class="isSelectedEnd">De uiterlijke kenmerken kunnen wel aanwijzingen geven.</p><p class="isSelectedEnd">Een grote, stevige, witachtige worm bij een jong paard doet bijvoorbeeld eerder aan <strong>spoelworm</strong> denken dan aan strongyliden.</p><p class="isSelectedEnd">Aarswormen hebben weer een ander uiterlijk en paardenhorzellarven zijn duidelijk herkenbare larven, geen lange wormen.</p><p>Een goede foto waarbij ook de afmetingen zichtbaar zijn kan helpen bij de identificatie.</p>								</div>
				</div>
				<div class="elementor-element elementor-element-5238dd0 elementor-widget elementor-widget-heading" data-id="5238dd0" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="heading.default">
				<div class="elementor-widget-container">
					<h3 class="elementor-heading-title elementor-size-default">Moet je opnieuw mestonderzoek doen?</h3>				</div>
				</div>
				<div class="elementor-element elementor-element-730417d elementor-widget elementor-widget-text-editor" data-id="730417d" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="text-editor.default">
				<div class="elementor-widget-container">
									<p class="isSelectedEnd">Niet automatisch.</p><p class="isSelectedEnd">Wat verstandig is, hangt af van wat je hebt gezien en van de situatie van het paard.</p><p class="isSelectedEnd">Relevant zijn bijvoorbeeld:</p><ul data-spread="false"><li>leeftijd van het paard;</li><li>welke parasiet vermoedelijk is aangetroffen;</li><li>wanneer het laatste mestonderzoek is uitgevoerd;</li><li>welke onderzoeksmethode toen is gebruikt;</li><li>eerdere uitslagen;</li><li>eventuele recente ontworming;</li><li>en andere risicofactoren.</li></ul><p class="isSelectedEnd">Bij een jong paard waarbij een spoelworm wordt gezien, ligt de situatie bijvoorbeeld anders dan wanneer in het voorjaar een paardenhorzellarve in de mest wordt gevonden.</p><p>De waarneming moet daarom worden geïnterpreteerd binnen de levenscyclus van de betreffende parasiet.</p>								</div>
				</div>
				<div class="elementor-element elementor-element-6e39709 elementor-widget elementor-widget-heading" data-id="6e39709" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="heading.default">
				<div class="elementor-widget-container">
					<h3 class="elementor-heading-title elementor-size-default">Een zichtbare worm maakt het eerdere mestonderzoek niet automatisch fout</h3>				</div>
				</div>
				<div class="elementor-element elementor-element-95f5939 elementor-widget elementor-widget-text-editor" data-id="95f5939" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="text-editor.default">
				<div class="elementor-widget-container">
									<p class="isSelectedEnd">Dit is uiteindelijk de belangrijkste boodschap.</p><p class="isSelectedEnd">Mestonderzoek toont <strong>eitjes of andere specifieke parasietstadia</strong> aan die met de gekozen methode in het onderzochte monster aanwezig zijn.</p><p class="isSelectedEnd">Een worm die later zichtbaar in de mest ligt kan informatie geven die op een ander moment, in een ander ontwikkelingsstadium of met een andere methode niet beschikbaar was.</p><p class="isSelectedEnd">Er is dus geen echte tegenstelling tussen:</p><p class="isSelectedEnd"><strong>“Bij het mestonderzoek zijn geen wormeitjes gevonden.”</strong></p><p class="isSelectedEnd">en:</p><p class="isSelectedEnd"><strong>“Later zag ik toch een worm in de mest.”</strong></p><p class="isSelectedEnd">Beide waarnemingen kunnen volledig correct zijn.</p><p class="isSelectedEnd">De kunst is om te begrijpen <strong>welke parasiet je ziet, waar deze zich in zijn levenscyclus bevindt en wat de gebruikte onderzoeksmethode wel en niet kon aantonen.</strong></p><p class="isSelectedEnd"><strong>Lees ook deze artikelen: </strong></p><p class="isSelectedEnd"><strong>Wat betekent het als je geen wormeitjes vindt?</strong></p><p class="isSelectedEnd"><strong>Welke parasieten kun je met mestonderzoek aantonen?</strong></p><p><strong>Wanneer is mestonderzoek betrouwbaar?</strong></p>								</div>
				</div>
					</div>
		</div>
					</div>
		</section>
				<section class="elementor-section elementor-top-section elementor-element elementor-element-30165bf elementor-section-boxed elementor-section-height-default elementor-section-height-default" data-id="30165bf" data-element_type="section" data-e-type="section">
						<div class="elementor-container elementor-column-gap-default">
					<div class="elementor-column elementor-col-100 elementor-top-column elementor-element elementor-element-32ac7a6" data-id="32ac7a6" data-element_type="column" data-e-type="column">
			<div class="elementor-widget-wrap">
							</div>
		</div>
					</div>
		</section>
				</div><p>The post <a href="https://www.hipposupport.nl/uitslag_begrijpen/de-uitslag-van-het-mestonderzoek-van-mijn-paard-was-schoon-maar-toch-zie-ik-wormen-in-de-mest-hoe-kan-dat/">Geen wormeitjes gevonden, maar toch wormen in de mest: hoe kan dat?</a> first appeared on <a href="https://www.hipposupport.nl">De Mestonderzoekshop</a>.</p>]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Najaarskuur: waarom toch ontwormen als mestonderzoek geen aanleiding geeft?</title>
		<link>https://www.hipposupport.nl/uitslag_begrijpen/waarom-adviseert-mijn-dierenarts-in-het-najaar-te-ontwormen-met-equest-pramox/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[Richard Verbree]]></dc:creator>
		<pubDate>Sat, 05 Jun 2021 15:49:44 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Uitslag begrijpen]]></category>
		<category><![CDATA[equest]]></category>
		<category><![CDATA[equest pramox]]></category>
		<category><![CDATA[horzellarve]]></category>
		<category><![CDATA[ingekapselde bloedworm]]></category>
		<category><![CDATA[lintworm]]></category>
		<category><![CDATA[winter]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.hipposupport.nl/?p=776</guid>

					<description><![CDATA[<p>Je hebt mestonderzoek gedaan en de uitslag geeft geen directe aanleiding om te ontwormen. Juist als je mestonderzoek gebruikt om onnodig ontwormen te voorkomen, kan het vreemd lijken wanneer in het najaar toch een kuur wordt geadviseerd. Toch kunnen er andere redenen zijn om behandeling te overwegen, ook als het mestonderzoek daar op zichzelf geen [&#8230;]</p>
<p>The post <a href="https://www.hipposupport.nl/uitslag_begrijpen/waarom-adviseert-mijn-dierenarts-in-het-najaar-te-ontwormen-met-equest-pramox/">Najaarskuur: waarom toch ontwormen als mestonderzoek geen aanleiding geeft?</a> first appeared on <a href="https://www.hipposupport.nl">De Mestonderzoekshop</a>.</p>]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<div data-elementor-type="wp-post" data-elementor-id="776" class="elementor elementor-776">
						<section class="elementor-section elementor-top-section elementor-element elementor-element-34822fae elementor-section-boxed elementor-section-height-default elementor-section-height-default" data-id="34822fae" data-element_type="section" data-e-type="section">
						<div class="elementor-container elementor-column-gap-default">
					<div class="elementor-column elementor-col-100 elementor-top-column elementor-element elementor-element-41799eea" data-id="41799eea" data-element_type="column" data-e-type="column">
			<div class="elementor-widget-wrap elementor-element-populated">
						<div class="elementor-element elementor-element-376365e3 elementor-widget elementor-widget-text-editor" data-id="376365e3" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="text-editor.default">
				<div class="elementor-widget-container">
									<p class="isSelectedEnd">Je hebt mestonderzoek gedaan en de uitslag geeft geen directe aanleiding om te ontwormen. Juist als je mestonderzoek gebruikt om onnodig ontwormen te voorkomen, kan het vreemd lijken wanneer in het najaar toch een kuur wordt geadviseerd.</p><p class="isSelectedEnd">Toch kunnen er <strong>andere redenen zijn om behandeling te overwegen</strong>, ook als het mestonderzoek daar op zichzelf geen aanleiding toe geeft. Een gewone wormeitelling geeft namelijk niet over alle parasieten en ontwikkelingsstadia voldoende informatie.</p><p class="isSelectedEnd">De kernvraag wordt dan:</p><p class="isSelectedEnd"><strong>Waarvoor zou je willen behandelen?</strong></p><h2>Paardenhorzel</h2><p class="isSelectedEnd">Heb je in zomer of najaar gele horzeleitjes op de haren gezien? Dan weet je dat het paard aan paardenhorzel is blootgesteld.</p><p class="isSelectedEnd">Als het alleen om paardenhorzellarven gaat, kan <strong>ivermectine</strong> voldoende zijn.</p><h2>Lintworm</h2><p class="isSelectedEnd">Is bekend dat er binnen de groep of op de betreffende weide een lintwormprobleem speelt, dan kan het verstandig zijn lintworm mee te nemen in de najaarsbehandeling.</p><p class="isSelectedEnd">Daarvoor is een middel met <strong>praziquantel</strong> nodig.</p><h2>Ingekapselde kleine bloedworm</h2><p class="isSelectedEnd">Een gewone wormeitelling zegt niets over ingekapselde larven van kleine bloedworm in de darmwand.</p><p class="isSelectedEnd">Als juist dát het risico is dat je wilt afdekken, dan moet het gekozen middel daar ook tegen werken. <strong>Moxidectine</strong> wordt hiervoor gebruikt.</p><h2>Grote bloedworm</h2><p class="isSelectedEnd">Bij een gewone wormeitelling kun je de eitjes van grote en kleine bloedworm niet van elkaar onderscheiden.</p><p class="isSelectedEnd">Als er binnen het totale wormmanagement reden is om rekening te houden met grote bloedworm, kan dat dus ook aanleiding zijn om in het najaar te behandelen.</p><h2>Equest Pramox is niet automatisch de juiste najaarskuur</h2><p class="isSelectedEnd">Equest Pramox combineert <strong>moxidectine en praziquantel</strong> en werkt daardoor breed tegen meerdere parasieten.</p><p class="isSelectedEnd">Dat maakt het een logische keuze wanneer je juist meerdere risico’s tegelijk wilt afdekken.</p><p class="isSelectedEnd">Maar als je maar één specifiek probleem wilt aanpakken, is zo’n brede kuur niet altijd nodig.</p><p class="isSelectedEnd">Bijvoorbeeld:</p><ul data-spread="false"><li>alleen paardenhorzel → ivermectine kan voldoende zijn;</li><li>alleen lintworm → een middel met praziquantel is nodig;</li><li>ingekapselde kleine bloedworm → een middel met werking tegen deze larvale stadia is nodig;</li><li>meerdere risico’s tegelijk → een combinatiepreparaat kan logisch zijn.</li></ul><h2>Kies het middel bij het doel</h2><p class="isSelectedEnd">Het uitgangspunt is dus niet:</p><p class="isSelectedEnd"><strong>“Het is najaar, dus we geven Equest Pramox.”</strong></p><p class="isSelectedEnd">Maar:</p><p class="isSelectedEnd"><strong>“Welk parasitair risico wil ik bij dit paard aanpakken, en welk middel past daarbij?”</strong></p><p class="isSelectedEnd">Dat is ook belangrijk met het oog op resistentieontwikkeling. Hoe vaker wormen aan ontwormmiddelen worden blootgesteld, hoe groter de selectiedruk op resistente wormen.</p><p class="isSelectedEnd">Daarom is het verstandig om niet ieder jaar automatisch dezelfde brede kuur te geven, maar samen met de dierenarts te bepalen <strong>welke behandeling op dat moment echt nodig is</strong>.</p><p class="isSelectedEnd"><strong>Lees ook dit artikel: Welke parasieten kun je met mestonderzoek aantonen?</strong></p><p><strong>Lees ook dit artikel: Mestonderzoek in de winter</strong></p>								</div>
				</div>
					</div>
		</div>
					</div>
		</section>
				</div><p>The post <a href="https://www.hipposupport.nl/uitslag_begrijpen/waarom-adviseert-mijn-dierenarts-in-het-najaar-te-ontwormen-met-equest-pramox/">Najaarskuur: waarom toch ontwormen als mestonderzoek geen aanleiding geeft?</a> first appeared on <a href="https://www.hipposupport.nl">De Mestonderzoekshop</a>.</p>]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Kan ik met mijn eigen mestonderzoek een wormmiddel krijgen bij de dierenarts?</title>
		<link>https://www.hipposupport.nl/uitslag_begrijpen/wie-mag-er-een-wormkuur-voorschrijven-in-nederland/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[Richard Verbree]]></dc:creator>
		<pubDate>Sat, 05 Jun 2021 15:37:20 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Uitslag begrijpen]]></category>
		<category><![CDATA[dierenarts]]></category>
		<category><![CDATA[recept]]></category>
		<category><![CDATA[wettelijke regeling]]></category>
		<category><![CDATA[wormkuur]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://www.hipposupport.nl/?p=759</guid>

					<description><![CDATA[<p>Wie zelf mestonderzoek gaat doen, heeft vaak een heel praktische vraag: als uit mijn onderzoek blijkt dat behandeling nodig is, kan ik dan met mijn eigen uitslag bij de dierenarts terecht voor een wormmiddel? Het antwoord is: ja, dat kan én mag. Wormonderzoek hoeft niet door een dierenarts te worden uitgevoerd. Ook een paardenhouder of [&#8230;]</p>
<p>The post <a href="https://www.hipposupport.nl/uitslag_begrijpen/wie-mag-er-een-wormkuur-voorschrijven-in-nederland/">Kan ik met mijn eigen mestonderzoek een wormmiddel krijgen bij de dierenarts?</a> first appeared on <a href="https://www.hipposupport.nl">De Mestonderzoekshop</a>.</p>]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<div data-elementor-type="wp-post" data-elementor-id="759" class="elementor elementor-759">
						<section class="elementor-section elementor-top-section elementor-element elementor-element-75bae2c4 elementor-section-boxed elementor-section-height-default elementor-section-height-default" data-id="75bae2c4" data-element_type="section" data-e-type="section">
						<div class="elementor-container elementor-column-gap-default">
					<div class="elementor-column elementor-col-100 elementor-top-column elementor-element elementor-element-2c3ed4fc" data-id="2c3ed4fc" data-element_type="column" data-e-type="column">
			<div class="elementor-widget-wrap elementor-element-populated">
						<div class="elementor-element elementor-element-41b6477b elementor-widget elementor-widget-text-editor" data-id="41b6477b" data-element_type="widget" data-e-type="widget" data-widget_type="text-editor.default">
				<div class="elementor-widget-container">
									<p class="isSelectedEnd">Wie zelf mestonderzoek gaat doen, heeft vaak een heel praktische vraag: <strong>als uit mijn onderzoek blijkt dat behandeling nodig is, kan ik dan met mijn eigen uitslag bij de dierenarts terecht voor een wormmiddel?</strong></p><p class="isSelectedEnd">Het antwoord is: <strong>ja, dat kan én mag.</strong></p><p class="isSelectedEnd">Wormonderzoek hoeft niet door een dierenarts te worden uitgevoerd. Ook een paardenhouder of andere derde mag het mestonderzoek uitvoeren. De dierenarts mag de uitslag daarvan gebruiken bij het opstellen van zijn wormbestrijdingsadvies.</p><p class="isSelectedEnd">Deze werkwijze sluit aan op de veterinaire tuchtrechtspraak over het voorschrijven van ontwormmiddelen voor paarden. Het Veterinair Beroepscollege heeft in 2011 vastgelegd welke informatie een dierenarts nodig heeft om verantwoord over de inzet van een wormmiddel te beslissen. Daarbij worden onder andere de omstandigheden waaronder de paarden worden gehouden, hun leeftijd en de wormbelasting genoemd. Het College vermeldt expliciet dat die wormbelasting <strong>aan de hand van fecesonderzoek kan worden nagegaan</strong>.</p><p class="isSelectedEnd">De KNMvD heeft vervolgens in 2016 expliciet verduidelijkt dat <strong>wormonderzoek door anderen dan dierenartsen mag worden uitgevoerd</strong> en dat de dierenarts de uitslag van dat onderzoek mag meewegen in zijn wormbestrijdingsadvies. De verantwoordelijkheid voor het advies en het voorschrijven van het wormmiddel blijft bij de dierenarts.</p><h2>Bespreek iedere uitslag met je dierenarts</h2><p class="isSelectedEnd">Ons advies is om <strong>iedere uitslag van het mestonderzoek met je dierenarts te bespreken</strong>, ook wanneer de uitslag op zichzelf geen aanleiding geeft om te behandelen.</p><p class="isSelectedEnd">Mestonderzoek vormt de basis van gericht wormmanagement, maar kan niet iedere parasiet of ieder ontwikkelingsstadium aantonen. Daarnaast kunnen er andere factoren zijn die in de situatie van jouw paard aanleiding geven tot aanvullend onderzoek of behandeling.</p><p class="isSelectedEnd">Welke factoren daarbij relevant zijn, is aan de dierenarts om te beoordelen. Denk bijvoorbeeld aan leeftijd, eerdere uitslagen en behandelingen, de omstandigheden waaronder het paard wordt gehouden, eventuele gezondheidsklachten en andere informatie uit de voorgeschiedenis.</p><p class="isSelectedEnd">De route is dus niet automatisch:</p><p class="isSelectedEnd"><strong>mestonderzoek → uitslag → wormmiddel</strong></p><p class="isSelectedEnd">maar:</p><p class="isSelectedEnd"><strong>mestonderzoek → uitslag bespreken met dierenarts → dierenarts beoordeelt het totaalbeeld → zo nodig wormbestrijdingsadvies en wormmiddel</strong></p><h2>De dierenarts moet zelf een zorgvuldige beoordeling maken</h2><p class="isSelectedEnd">Dat de dierenarts jouw eigen onderzoeksuitslag mag gebruiken, betekent niet dat hij iedere uitslag automatisch in een recept moet omzetten.</p><p class="isSelectedEnd">De dierenarts blijft verantwoordelijk voor het voorschrijven van het wormmiddel.</p><p class="isSelectedEnd">De huidige Europese regelgeving bepaalt daarom dat een diergeneeskundig voorschrift alleen mag worden afgegeven na een klinisch onderzoek of <strong>“een andere behoorlijke beoordeling van de gezondheidstoestand”</strong> van het dier of de groep door een dierenarts. Dat staat in artikel 105 lid 3 van Verordening (EU) 2019/6.</p><p class="isSelectedEnd">Ook de Nederlandse regels stellen eisen aan de informatie waarover de dierenarts beschikt. Een dierenarts die de medische zorg op zich neemt moet ten minste de omstandigheden kennen waaronder het dier of de groep dieren wordt gehouden en beschikken over de medicatiehistorie.</p><p class="isSelectedEnd">Dit sluit aan bij de eerdere tuchtrechtspraak over ontwormmiddelen. Daarin werd al benadrukt dat een dierenarts bij het voorschrijven selectief en restrictief moet handelen, relevante omstandigheden moet kennen, een passend behandelplan moet kunnen opstellen en zijn bevindingen controleerbaar moet vastleggen.</p><p class="isSelectedEnd">De dierenarts moet dus kunnen onderbouwen <strong>waarom hij in jouw situatie een wormmiddel heeft voorgeschreven</strong>.</p><h2>Heb je een certificaat nodig als je zelf mestonderzoek doet?</h2><p class="isSelectedEnd"><strong>Nee. Er bestaat geen wettelijk verplichte certificering voor een paardenhouder die zelf mestonderzoek uitvoert voordat een dierenarts de uitslag daarvan mag gebruiken.</strong></p><p class="isSelectedEnd">De toepasselijke regelgeving stelt geen cursuscertificaat als voorwaarde voor degene die het mestonderzoek uitvoert.</p><p class="isSelectedEnd">Uit de praktijk weten we wel dat sommige dierenartsen vragen of iemand een cursus mestonderzoek heeft gevolgd of een certificaat kan laten zien. Dat kan dus voorkomen, maar het is iets anders dan een wettelijke verplichting.</p><p class="isSelectedEnd">De dierenarts mag uiteraard wel beoordelen of hij een aangeleverde uitslag voldoende betrouwbaar vindt om bij zijn eigen beoordeling te gebruiken.</p><h2>Zorg daarom dat je onderzoek controleerbaar is</h2><p class="isSelectedEnd">Dat heeft ook een praktische consequentie wanneer je zelf mestonderzoek doet.</p><p class="isSelectedEnd">De dierenarts blijft verantwoordelijk voor het voorschrift. Het is daarom begrijpelijk dat hij wil weten waarop een aangeleverde uitslag is gebaseerd.</p><p class="isSelectedEnd">Zorg dat je duidelijk kunt aangeven:</p><ul data-spread="false"><li>van welk paard en van welke datum het monster is;</li><li>welke onderzoeksmethode je hebt gebruikt;</li><li>welke McMaster-telkamer je gebruikt;</li><li>welke hoeveelheid mest en flotatievloeistof bij jouw methode horen;</li><li>welke detectiegrens bij de gebruikte methode hoort;</li><li>welke wormeitjes je hebt aangetroffen;</li><li>welke telling je hebt gedaan en hoe daaruit het EPG is berekend;</li><li>en, waar relevant, welke eerdere uitslagen het paard had.</li></ul><p class="isSelectedEnd">Werk dus volgens een vaste methode en leg je uitslagen goed vast. Daarmee kan de dierenarts veel beter beoordelen welke informatie je aanlevert dan wanneer je alleen doorgeeft dat je bijvoorbeeld “een bepaald EPG” hebt gevonden.</p><p class="isSelectedEnd">Ook de huidige <strong>KNMvD Leidraad Paard en Parasieten</strong> bevat een volledig uitgewerkt McMaster-protocol. Daarin worden onder andere monstergrootte, flotatievloeistof, telkamer, werkwijze en berekening vastgelegd. Het belang van een vaste en reproduceerbare methode is dus ook binnen de veterinaire richtlijn duidelijk terug te zien.</p><p class="isSelectedEnd">Heb je een cursuscertificaat en vraagt je dierenarts daarnaar, dan kun je dat natuurlijk laten zien. Maar voor het mogen gebruiken van jouw onderzoeksuitslag bestaat geen wettelijke certificeringsplicht.</p><h2>Zelf mestonderzoek en de dierenarts vullen elkaar aan</h2><p class="isSelectedEnd">Zelf mestonderzoek doen betekent niet dat je zelf wormmiddelen gaat voorschrijven. Je verzamelt informatie over de ei-uitscheiding van je paard en gebruikt die informatie binnen het wormmanagement.</p><p class="isSelectedEnd">Wanneer de uitslag aanleiding geeft om behandeling te overwegen, mag je dierenarts jouw onderzoeksuitslag gebruiken. Hij hoeft het mestonderzoek niet opnieuw uit te voeren alleen omdat jij het zelf hebt gedaan.</p><p class="isSelectedEnd">De dierenarts beoordeelt vervolgens de uitslag samen met andere relevante informatie, stelt het wormbestrijdingsadvies op en schrijft zo nodig het passende wormmiddel voor.</p><p class="isSelectedEnd">En ook wanneer de uitslag van het mestonderzoek op zichzelf géén aanleiding geeft om te behandelen, adviseren wij om de uitslag te bespreken. Er kunnen andere relevante factoren zijn die aanleiding geven tot aanvullend onderzoek of een andere aanpak.</p><p class="isSelectedEnd"><strong>Zelf mestonderzoek en veterinaire begeleiding zijn daarmee geen alternatieven voor elkaar. Goed uitgevoerd mestonderzoek levert juist de informatie waarmee je samen met je dierenarts gericht kunt handelen.</strong></p><h2>Juridische achtergrond</h2><p class="isSelectedEnd">Voor wie de juridische basis zelf wil nalezen:</p><ul data-spread="false"><li><strong>Veterinair Beroepscollege, 13 september 2011, ECLI:NL:TDIVBC:2011:12 en 2011:13</strong> — over de verantwoordelijkheid van de dierenarts bij het voorschrijven van ontwormmiddelen en het gebruik van fecesonderzoek om wormbelasting vast te stellen.</li><li><strong>KNMvD, 2016</strong> — verduidelijking dat wormonderzoek door anderen dan dierenartsen mag worden uitgevoerd en dat de dierenarts deze uitslag mag meewegen in zijn advies. De oorspronkelijke webpagina is inmiddels niet meer beschikbaar.</li><li><strong>Verordening (EU) 2019/6, artikel 105 lid 3</strong> — voorschrift na klinisch onderzoek of andere behoorlijke beoordeling door een dierenarts.</li><li><strong>Regeling diergeneeskundigen, artikel 5.5</strong> — de voorschrijvende dierenarts moet onder andere de omstandigheden waaronder het dier wordt gehouden kennen en over de medicatiehistorie beschikken.</li></ul><blockquote><p> </p></blockquote>								</div>
				</div>
					</div>
		</div>
					</div>
		</section>
				</div><p>The post <a href="https://www.hipposupport.nl/uitslag_begrijpen/wie-mag-er-een-wormkuur-voorschrijven-in-nederland/">Kan ik met mijn eigen mestonderzoek een wormmiddel krijgen bij de dierenarts?</a> first appeared on <a href="https://www.hipposupport.nl">De Mestonderzoekshop</a>.</p>]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
	</channel>
</rss>
