Je hebt je paard ontwormd en een dag later liggen er ineens wormen in de mest.
Dat kan behoorlijk opvallend zijn, zeker wanneer je vóór de behandeling niets had gezien. Toch is dit op zichzelf meestal niet vreemd.
Een wormmiddel kan aanwezige wormen doden of verlammen, waarna ze via de darm met de mest naar buiten worden afgevoerd.
Dat je na het ontwormen wormen ziet, betekent dus niet automatisch dat er iets mis is gegaan.
Waarom zie je de wormen pas na het ontwormen?
Veel darmwormen leven normaal gesproken in het paard en komen niet vanzelf met de mest naar buiten.
Na behandeling kunnen wormen loskomen van de darmwand of hun vermogen verliezen om zich in de darm te handhaven. De darmbeweging voert ze vervolgens mee naar buiten.
Daardoor kun je na een behandeling ineens wormen zien die vóór het ontwormen volledig aan het zicht waren onttrokken.
Hoeveel je ziet, verschilt sterk per paard, parasiet en behandeling.
Welke wormen kun je na behandeling zien?
Vooral grotere wormsoorten vallen gemakkelijk op.
Spoelworm
Spoelwormen (Parascaris spp.) kunnen tientallen centimeters lang worden en zijn daardoor moeilijk te missen.
Ze zijn meestal witachtig tot crème van kleur en lijken enigszins op dikke spaghetti.
Vooral bij jonge paarden met een flinke spoelworminfectie kunnen na behandeling meerdere volwassen wormen in de mest verschijnen.
Bloedworm
Ook bloedwormen kunnen na behandeling worden uitgescheiden.
Kleine bloedwormen zijn veel kleiner dan spoelwormen en kunnen variëren van bleek of witachtig tot rood of donkerrood. Daardoor worden ze gemakkelijk over het hoofd gezien.
Alleen aan de kleur kun je dus niet bepalen of iets wel of geen bloedworm is.
Aarsworm
Volwassen aarswormen kunnen eveneens zichtbaar zijn. Vooral de vrouwelijke wormen zijn relatief groot en witachtig.
Aarsworm wordt vaak eerder opgemerkt door jeuk en schuren rond de staart dan doordat de worm in de mest wordt gevonden.
Lintworm
Bij lintworm kunnen na behandeling wormdelen of complete lintwormen worden uitgescheiden.
Ze zien er duidelijk anders uit dan de lange ronde wormen zoals spoelworm.
Betekent veel zichtbare wormen dat het paard zwaar besmet was?
Niet noodzakelijk.
Het aantal wormen dat je in één of enkele mestballen ziet, is geen betrouwbare telling van het totale aantal wormen dat in het paard aanwezig was.
Een deel kan:
- al eerder zijn uitgescheiden;
- uiteenvallen in het maagdarmkanaal;
- niet herkenbaar meer in de mest terechtkomen;
- later worden uitgescheiden.
Andersom kan één opvallend grote spoelworm veel indruk maken terwijl dat weinig zegt over hoeveel andere wormen aanwezig waren.
Zichtbare wormen zijn dus geen kwantitatieve maat voor de ernst van een infectie.
En als ik helemaal geen wormen zie?
Ook dat zegt weinig.
Na een effectieve behandeling hoef je helemaal geen herkenbare wormen in de mest te vinden.
Veel wormen zijn klein, kunnen worden afgebroken of vallen simpelweg niet op tussen de mest.
Geen wormen zien betekent daarom niet dat het wormmiddel niet heeft gewerkt.
Omgekeerd bewijst het zien van wormen na behandeling ook niet dat alle aanwezige wormen door het gebruikte middel zijn gedood.
Kun je aan de wormen zien of het wormmiddel heeft gewerkt?
Niet betrouwbaar.
Dat er na behandeling wormen worden uitgescheiden, laat zien dat er wormen aanwezig waren en dat ten minste een deel daarvan is losgekomen of gedood.
Maar het vertelt niet of het middel voldoende effectief tegen de totale wormpopulatie is geweest.
Dat is vooral belangrijk vanwege resistentie.
Wanneer we bijvoorbeeld willen weten of een wormmiddel nog goed werkt tegen bloedworm of spoelworm, kijken we daarom niet naar het aantal wormen dat na behandeling in de mest ligt.
Daarvoor is een Worm Egg Reduction Test (WERT/FECRT) veel geschikter.
Daarbij wordt de hoeveelheid eitjes vóór en na behandeling met elkaar vergeleken.
Lees ook dit artikel: Hoe bereken ik de FECRT of WERT?
Waarom kan ik na behandeling nog steeds eitjes vinden?
Ook dit moet voorzichtig worden geïnterpreteerd.
Wanneer kort na behandeling nog enkele eitjes worden aangetroffen, hoeft dat niet automatisch te betekenen dat levende volwassen wormen zijn achtergebleven. Er kan bijvoorbeeld nog darminhoud met eerder geproduceerde eitjes onderweg zijn.
Daarom wordt de controle na behandeling op een voor het gebruikte wormmiddel passend moment uitgevoerd.
Pas dan kun je de daling van de ei-uitscheiding zinvol beoordelen.
Vooral bij spoelworm is enige voorzichtigheid nodig
Bij een jong paard met een zeer zware spoelworminfectie kunnen grote aantallen volwassen wormen in de dunne darm aanwezig zijn.
Het plotseling afsterven of loskomen van een grote wormmassa kan in uitzonderlijke gevallen problemen veroorzaken, waaronder verstopping van de darm.
Zie je bij een jong paard na behandeling zeer grote aantallen spoelwormen en krijgt het paard klachten zoals:
- koliek;
- niet willen eten;
- weinig of geen mest produceren;
- duidelijk ziek of lusteloos worden;
neem dan contact op met de dierenarts.
Wormen zien betekent niet automatisch dat het mestonderzoek ze had moeten aantonen
Dit is een belangrijk onderscheid.
Niet iedere parasiet wordt met gewoon mestonderzoek even goed aangetoond.
Daarnaast zoeken we bij mestonderzoek meestal naar eitjes of larven, niet naar de volwassen worm zelf.
Een paard kan bijvoorbeeld wormen hebben terwijl:
- de wormen nog niet volwassen zijn en dus geen eitjes produceren;
- de parasiet zijn eitjes niet regelmatig via de mest uitscheidt;
- een andere onderzoeksmethode nodig is;
- de ei-uitscheiding onder de detectiegrens van het onderzoek ligt.
Het vinden van een worm na behandeling is daarom niet automatisch in tegenspraak met een eerdere negatieve mestuitslag.
Lees ook dit artikel: Geen wormeitjes gevonden, maar toch wormen in de mest: hoe kan dat?
Moet je iets doen als je wormen ziet?
Vaak is alleen vaststellen welke parasiet je ziet al de belangrijkste eerste stap.
Een grote spoelworm bij een jong paard heeft bijvoorbeeld een andere betekenis dan een kleine bloedworm bij een volwassen paard.
Kijk vervolgens naar het totale wormmanagement:
- welke parasiet is waarschijnlijk aanwezig?
- welk middel is gebruikt?
- was dit middel tegen deze parasiet bedoeld?
- is controle van de werking nodig?
- wanneer is opnieuw mestonderzoek zinvol?
Alleen naar de zichtbare wormen kijken geeft daarvoor onvoldoende informatie.
Kijk naar het hele wormmanagement
Wormen in de mest zien na een ontworming kan opvallend zijn, maar is meestal gewoon het gevolg van het verwijderen van aanwezige parasieten.
Belangrijker is de vraag waarom het paard werd behandeld en of de behandeling het gewenste effect heeft gehad.
Daarvoor zijn de voorgeschiedenis, het type parasiet, mestonderzoek en – wanneer relevant – controle van de werkzaamheid van het gebruikte wormmiddel veel informatiever dan het aantal wormen dat je na behandeling met het blote oog terugvindt.
Lees ook dit artikel: Welke wormmiddelen werken tegen welke wormen?
Lees ook dit artikel: Resistentie tegen wormmiddelen: hoe ontstaat het en wat kun je doen?
